Nieuws en aankondigingen

Op deze pagina staan de aankondigingen van de VVPAZ en relevante aankondigingen van leden van de VVPAZ.  De pagina wordt regelmatig bijgewerkt.   De aankondigingen blijven staan in de volgorde dat ze op de webpagina worden gezet.  Op die manier houden we een archief bij van onze aankondigingen en delen van onze werking. 

We willen met deze bladzijden ook kort op de bal spelen en recente ontwikkelingen in ons vakgebied (hetzij wetenschappelijk, juridisch, deontologisch, ...), relevant voor het werk in een ziekenhuis, meegeven. 

Wij wensen de collega's alvast succes met dit symposium.  Meer informatie nodig?  Klik hier.

parkinson zorgwijzer

Voor meer informatie: klik hier.

 

Leesbare deontologische code  voor psychologen

Klik hier voor een WORD-versie.

Deontologische code voor psychologen:

Wil hieronder een leesbare versie vinden van het Koninklijk Besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 2 april 2014 tot vaststelling van de voorschriften inzake de plichtenleer van de psycholoog, daterend van 4 JUNI 2018.

 HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

 Artikel 1. Deze deontologische code is van toepassing voor elk individu dat de titel van psycholoog krachtens de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog draagt, ongeacht zijn werkterrein, zijn functies en zijn methodes.

  Art. 2. De bepalingen van deze code hebben een verklarend en geen beperkend karakter. Ze kunnen bij analogie worden toegepast. Er kan niet contractueel van afgeweken worden.

  Ze hebben tot doel het publiek te beschermen, de waardigheid en de integriteit van het beroep te bewaren en de kwaliteit van de door de houders van de titel van psycholoog gepresteerde diensten te waarborgen.

  HOOFDSTUK II. - Definities

  Art. 3. Met het oog op de toepassing van deze deontologische code, wordt verstaan onder :

  - De wet : de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog;

  - Psycholoog : elke persoon die de titel van psycholoog draagt in de zin van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog;

  - Cliënt : elke persoon, elke groep of elke organisatie die een beroep doet op de professionele diensten of begeleiding van een psycholoog;

  - Proefpersoon : elke persoon die deel uitmaakt van een psychologisch onderzoekstaal of die onderwerp is van een door een rechtbank of een administratieve overheid besteld psychologische onderzoek.

  - Gemachtigde derde : elke natuurlijke persoon, rechtspersoon of instelling die wettelijk of contractueel het recht heeft een psychologisch advies of een psychologische expertise te vragen, namelijk onder andere de ouders, de voogd, de tijdelijke beheerder, de magistraat en de werkgever.

  Art. 4. De hoedanigheid van cliënt of proefpersoon wordt op elk moment van de relatie tussen de psycholoog en de persoon of de groep van personen die het onderwerp is van zijn behandeling, beoordeeld. De toegekende beschermingsgraad is onomkeerbaar.

  HOOFDSTUK III.  - De plichten van de psychologen

  Art. 5.  De psycholoog die, uit hoofde van zijn staat of beroep, in het bezit is van geheimen die hem werden toevertrouwd, is gehouden tot het beroepsgeheim overeenkomstig artikel 458 van het Strafwetboek.

   De psycholoog is, ten allen tijde, gehouden tot een discretieplicht, zelfs wanneer de activiteit uitgeoefend door de psycholoog niet behoort tot de categorie van activiteiten die hem verplichten tot het beroepsgeheim.

  Art. 14. Het gedeelde beroepsgeheim : de psycholoog kan op eigen verantwoordelijkheid vertrouwelijke gegevens waarover hij beschikt delen om de doeltreffendheid van zijn werk te optimaliseren. Hiertoe past hij de gebruikelijke cumulatieve regels betreffende het gedeelde geheim : Voorafgaande inlichting en akkoord van de bewaarder van het geheim, uitsluitend in het belang van deze laatste, beperkt tot wat strikt noodzakelijk is, uitsluitend met personen die aan het beroepsgeheim onderworpen zijn en die in het kader van eenzelfde opdracht handelen.

  Art. 15. De psycholoog informeert zich over de eventuele conflictueuze context waarin hem om advies wordt gevraagd.

  In situaties van conflictueuze echtscheidingen respecteert de psycholoog de wet betreffende de gezamenlijke uitoefening van het ouderlijk gezag.

  Art. 16. Bij een aanvraag tot onderzoek van een kind door diegenen die het ouderlijk gezag uitoefenen, mogen de conclusies van het onderzoek alleen overgemaakt worden aan diegenen die het ouderlijk gezag uitoefenen.

  Art. 17. In het kader van gerechtelijk deskundigen onderzoek weigert de psycholoog elke expertise (of officiële opdracht) betreffende cliënten of proefpersonen die hij heeft ontmoet in het kader van andere professionele relaties, ongeacht of deze al dan niet beëindigd zijn.

  De psycholoog-gerechtsdeskundige brengt alle personen die hij/zij bevraagt vooraf op de hoogte van het kader waarbinnen hij zijn opdracht vervult en wijst hen erop dat hij alle ingewonnen relevante informatie dient door te spelen aan zijn opdrachtgever.

  Art. 18. De psycholoog belast met een onderwijs- of vormingsopdracht moet de discretieplicht en het beroepsgeheim naleven. De presentatie in persoon van een cliënt, proefpersoon of gemachtigde derde voor louter onderwijsdoeleinden is formeel verboden. Audiovisuele illustraties en directe observaties in het kader van een vorming zijn toegestaan voor zover de deelnemers verwittigd zijn over de deontologische normen en regels ter zake. De anonimiteit van de cliënt, proefpersoon of gemachtigde derde dient in elk geval gevrijwaard te worden.

  Art. 19. De vrije en geïnformeerde toestemming van de cliënt, proefpersoon of van zijn wettelijke vertegenwoordiger is vereist voorafgaand aan elke handgeschreven, audiovisuele, informatica- of andere vorm van registratie van de gegevens die op hem betrekking hebben. Dit geldt eveneens voor de overdracht van gegevens ongeacht voor welk doeleinde deze overdracht gebeurt. De houders van het ouderlijk gezag geven hun toestemming als vertegenwoordigers van een minderjarige, maar iedereen die dit geregistreerde klinisch materiaal voor opleidingsdoeleinden wil gebruiken moet rekening houden met de leeftijd die het kind op dat ogenblik heeft bereikt. Als het kind in tussentijd meerderjarig is geworden, moet men de toestemming vragen van de persoon die meerderjarig is geworden. Elke persoon behoudt het toegangsrecht tot de geregistreerde gegevens die hem aangaan, en alleen tot die gegevens. De psycholoog zorgt ervoor dat documenten die zijn opgesteld in het kader van zijn werk altijd op dusdanige wijze worden opgemaakt en bewaard dat zij het beroepsgeheim vrijwaren.

  Art. 20. De psycholoog brengt deelnemers aan een groepssessie ervan op de hoogte dat een willekeurig aspect van het privéleven van één onder hen bekend kan worden gemaakt. Hij wijst op de plicht om de vertrouwelijke aard van de gegevens waarvan zij tijdens de sessie kennis kunnen krijgen, te respecteren.

  HOOFDSTUK IV. - Algemene principes : eerbieding van de waardigheid en de rechten van de persoon zijn, de aansprakelijkheid, de deskundigheid en integriteit

  Afdeling I. - Eerbiediging van de waardigheid en de rechten van de persoon

  Art. 21. § 1. De psycholoog eerbiedigt en verdedigt, zonder enige vorm van discriminatie, de fundamentele rechten van de persoon en van groepen van personen, namelijk hun vrijheid, waardigheid, privacy, autonomie en integriteit.

  Hij vrijwaart het privéleven van elke persoon door de vertrouwelijkheid van zijn tussenkomst te verzekeren, ook wanneer hij verplicht is elementen hiervan door te geven. De strikte naleving van het beroepsgeheim is een basis onderdeel van deze verplichting.

  § 2. De uitoefening van het beroep van psycholoog vereist eerbied voor de menselijke persoon in zijn psychologische en fysieke heelheid, in gelijk welke situatie.

  Dit betekent :

  a) Eerbied zonder enige vorm van discriminatie op grond van verschillen inzake etnische afkomst, cultuur, geslacht, taal, vermogen of geboorte. Zo ook mag er geen enkele discriminatie zijn gebaseerd op religieuze, politieke of welke overtuiging ook, of op nationale of sociale afkomst. Dit houdt ook de erkenning in van het recht op gezondheid en welzijn voor elke persoon, als ieder ander, en los van deze verschillen;

  b) Eerbied voor de morele waarden van de persoon. De psycholoog respecteert dus de persoonlijke wil van zijn cliënt of proefpersoon om volgens zijn eigen overtuigingen te leven. Het principe van de eerbied voor de menselijke persoon impliceert ook het respect voor de vrijheid (zelfbeschikking) van de cliënt of proefpersoon;

  c) Het verbod om voornoemde verschillen of waarden aan te wenden om zich op willekeurige wijze te mengen in het privéleven of om de eer en de reputatie van de persoon te schaden, zowel tijdens als na zijn beroepsuitoefening als psycholoog.

  Alles wat eerbied voor de menselijke persoon inhoudt is van toepassing van zodra de professionele relatie een aanvang neemt, tijdens die relatie en na de beëindiging ervan.

  § 3. De psycholoog geeft aan de cliënt of proefpersoon een begrijpelijke en waarheidsgetrouwe beschrijving van zijn methode. Hij heeft de plicht de cliënt of proefpersoon wanneer deze daarom vraagt, op de hoogte stellen van de resultaten van de onderzoeken die hem aangaan, en dit op een zodanige wijze dat hij er baat bij heeft. De psycholoog antwoordt eveneens op de vragen die hem worden gesteld naar wat er met de ingewonnen gegevens zal gebeuren.

  Art. 22. Evaluaties door een psycholoog (diagnose of expertise) mogen alleen personen of situaties betreffen die hij zelf heeft kunnen onderzoeken. Rekening houdend met het beroepsgeheim mogen zijn adviezen of toelichtingen algemene problematieken of maatschappelijke gebeurtenissen betreffen waarover aan hem verslag is uitgebracht.

  Art. 23. § 1. De psycholoog neemt niemand tegen zijn wil in onderzoek, begeleiding of behandeling. Hij erkent het recht van de cliënt of proefpersoon om in alle onafhankelijkheid al of niet voor hem te kiezen, en op om het even welk ogenblik zijn deelname te onderbreken.

  § 2. Er is geen instemming van de persoon nodig wanneer de psycholoog zijn opdracht heeft gekregen van een overheid die hiervoor wettelijk bevoegd is. In dit geval moet de psycholoog echter voor de aanvang of bij de verandering van de aard van de professionele relatie nagaan of zowel de derde als de betrokken persoon beschikken over dezelfde informatie inzake het doel, de middelen en de overdracht van de gegevens.

  § 3. Indien de professionele relatie is opgelegd door een gemachtigde derde moet de proefpersoon of cliënt op de hoogte worden gesteld van alle mogelijke gevolgen van deze relatie. De psycholoog informeert deze derde en de proefpersoon of cliënt over de verschillende modaliteiten en plichten waaraan zij zich tegenover mekaar moeten houden. De proefpersoon of cliënt heeft het recht, indien hij dit wenst, kennis te nemen van de elementen die in het verslag zijn gebruikt (zoals resultaten van tests of van andere evaluatie-instrumenten), evenals van de conclusies die zijn persoon aangaan. Dit recht betekent niet dat de proefpersoon of cliënt het recht heeft de mededeling van het voor de gemachtigde derde bestemde verslag te eisen.

  § 4. De tussenkomst van de psycholoog bij een minderjarige gebeurt rekening houdende met zijn onderscheidingsvermogen, zijn capaciteiten, zijn situatie, zijn rechtspositie, zijn therapeutische behoeften en de geldende wettelijke bepalingen.

  § 5. Wanneer een wettelijke vertegenwoordiger verzoekt om een raadpleging voor een minderjarige of voor een wettelijk beschermde meerderjarige die onder zijn gezag staat, probeert de psycholoog hun instemming te verkrijgen in de mate van hun mogelijkheden en vergewist zich van de inlichting en de toestemming van hun wettelijke vertegenwoordiger(s).

  Art. 24. De vrije en geïnformeerde toestemming van de cliënt of proefpersoon berust op zijn vermogen om vrij te handelen en om verantwoordelijkheid op te nemen voor zijn handelingen. Ingeval de cliënt of proefpersoon niet meer als dusdanig kan handelen, hetzij om medische hetzij om psychologische redenen, zal de psycholoog die een professionele relatie heeft met deze persoon, zich in eerste instantie beroepen op de wensen die deze persoon zelf eventueel heeft geformuleerd voordat hij in zijn huidige toestand is terechtgekomen, en vervolgens, op de wensen van een wettelijk gemachtigde derde.

 

  Afdeling II. - Verantwoordelijkheid van de psycholoog

  Art. 25. Een psycholoog neemt in het kader van zijn competenties persoonlijk verantwoordelijkheid op voor de keuze, de toepassing en de gevolgen van de methodes en technieken die hij toepast.

  Hij neemt tevens persoonlijk de verantwoordelijkheid op voor de professionele adviezen die hij geeft ten aanzien van personen, van groepen en van de maatschappij.

  Hij neemt een middelenverbintenis op en geen resultaatsverbintenis.

  Art. 26. De psycholoog eist van zijn medewerkers niet-psychologen de naleving van deze deontologische regels in de taken die ze uitvoeren. Hij neemt de verantwoordelijkheid op voor hun eventuele niet-naleving.

  Art. 27. De psycholoog is gedekt door een verzekering die geschikt is voor de vergoeding van alle schade die hij, rekening houdend met de sector waarin hij actief is, kan veroorzaken.

  Art. 28. Wanneer een psycholoog bij de uitoefening van zijn beroep contractueel of statutair verbonden is aan een privéonderneming of een openbare instelling, houdt dit geen wijziging in van zijn professionele plichten en in het bijzonder van de verplichtingen betreffende het beroepsgeheim en van de onafhankelijkheid in de keuze van methodes en in zijn beslissingen. Bij het opmaken van contracten maakt hij melding van de Deontologische Code en hij verwijst ernaar in zijn professionele verbintenissen.

  Art. 29. De psycholoog moet de continuïteit verzekeren van de professionele diensten die hij aan de cliënt of proefpersoon verstrekt, met inbegrip van de medewerking met andere beroepen.

  Hij neemt de nodige maatregelen wanneer hij zijn verbintenis moet opschorten of beëindigen.

  Afdeling III. - De competentie van de psycholoog

  Art. 30. In de uitoefening van zijn beroep moet de psycholoog zijn professionele competentie en beroepskwalificatie op een hoog niveau houden door deze verder te ontwikkelen door een permanente en weloverwogen interdisciplinaire bijscholing die rekening houdt met de meest recente ontwikkelingen in de psychologie, alsook door het nadenken over zijn persoonlijke betrokkenheid in het begrijpen van andermans gedrag.

  Art. 31. De psycholoog moet zijn activiteiten door middel van geëigende methodes evalueren.

  Hij zal de nodige maatregelen treffen die hem moeten toelaten tijdig de eventueel nadelige en voorzienbare gevolgen van zijn werk te onderkennen.

  Art. 32. De psycholoog beoefent het beroep binnen de grenzen van zijn competenties en doet geen onderzoeken waarvoor hij geen specifieke kwalificatie heeft. Hij doet dit binnen het kader van de theorieën en de methodes die erkend worden door de wetenschappelijke gemeenschap der psychologen, en houdt daarbij rekening met de kritieken op en de evolutie van deze theorieën en methodes.

  Art. 33. De psycholoog is zich bewust van de beperkingen van de door hem aangewende procedures en methodes. Hij houdt rekening met deze beperkingen en voor hij besluiten trekt, verwijst hij zijn cliënt of proefpersoon in voorkomend geval door naar andere beroepsbeoefenaars. Hij legt een maximum aan objectiviteit aan de dag in al zijn activiteiten (therapie, onderzoek, verslag).

  Art. 34. In geval van ziekte, belangenconflicten of moreel onvermogen die een gebrek aan objectiviteit of een beperking van zijn beroepscompetenties met zich brengen verzoekt de psycholoog zijn cliënt of proefpersoon zich tot een vakgenoot te wenden.

  Afdeling IV. - Integriteit, eerlijkheid van de psycholoog

  Art. 35. De psycholoog vermijdt het oneigenlijk of winst beogend gebruik maken van zijn psychologische kennis.

  Hij zal geen methodes aanwenden die de betrokken personen schade kunnen toebrengen, die hen raken in hun waardigheid of die verder gaan in hun privéleven dan dit voor het nagestreefde doel vereist is.

  Art. 36. Als er een ethische vraag in het kader van zijn beroepsuitoefening wordt opgeworpen probeert de psycholoog een geschikte oplossing aan te brengen.

  Indien nodig raadpleegt hij zijn vakgenoten die hem, met naleving van het beroepsgeheim, hulp zullen verlenen.

  Art. 37. De psycholoog is verplicht eerlijk en correct te zijn wat de financiële gevolgen van zijn beroepsactiviteiten betreft. Die gevolgen maken het voorwerp uit van een overeenkomst die wordt afgesloten voor de aanvang van de tussenkomst.

  Art. 38. De psycholoog mag geen ongerechtvaardigde beroepshandelingen stellen die niet in verhouding staan tot de aangepakte problematiek.

  Art. 39. De psycholoog mag zijn diensten bekendmaken op voorwaarde dat hij ze objectief en op waardige wijze voorstelt zonder de reputatie van zijn vakgenoten te schenden. Hij onthoudt zich van elke colportage. Hij heeft de plicht, indien hij zijn titels en kwalificaties, zijn opleiding, zijn ervaring, zijn competentie, evenals zijn aansluiting bij een beroepsgroepering vermeldt, dit op een correcte wijze te doen.

  Art. 40. De psycholoog mag onder zijn naam alleen studies of onderzoek publiceren dat hij persoonlijk heeft geleid of waartoe hij actief heeft bijgedragen. Hij ziet erop toe dat de mogelijkheden en beperkingen van de toepassing van de psychologie op correcte en duidelijke wijze worden voorgesteld in zijn publicaties en in zijn verklaringen.

  Art. 41. De psycholoog moet alle nodige informatie op een klare en duidelijke wijze voorstellen en is verantwoordelijk voor de mededeling ervan op een begrijpelijke wijze. Hij mag alternatieve hypotheses niet verhullen of negeren.

  Art. 42. Psychologen die deelnemen aan het opstellen van psychologische adviezen in de media, mogen deze adviezen slechts in algemene termen verwoorden.

  Art. 43. De psycholoog mag met zijn cliënten of proefpersonen enkel professionele betrekkingen onderhouden. Hij gebruikt zijn positie niet voor proselitisme of vervreemding van de ander. Hij gaat niet in op een verzoek van een derde die een ongeoorloofd of immoreel voordeel nastreeft of die zijn gezag misbruikt bij het inschakelen van zijn diensten.

  Art. 44. Toenaderingen met seksuele connotatie of seksueel karakter en seksuele betrekkingen tussen de psycholoog en zijn cliënt of proefpersoon zijn ten strengste verboden.

  Art. 45. Wanneer een psycholoog verschillende activiteiten uitoefent (bijvoorbeeld expertise, diagnose op verzoek van derden, therapie, administratieve functies,...) moet hij erop toezien dat de cliënt of proefpersoon op de hoogte is van die verschillende soorten activiteiten. Hij moet zijn cliënt of proefpersoon altijd van bij de aanvang duidelijk vermelden in welk kader hij hem ontmoet. Hij beperkt zich tot een enkele activiteit bij dezelfde persoon.

  Art. 46. De psycholoog aanvaardt noch biedt enige commissie wanneer hij een cliënt in psychologische problemen doorverwijst naar of doorverwezen krijgt van een andere beroepsbeoefenaar.

  Art. 47. De psycholoog eerbiedigt de opvattingen en de praktijk van zijn vakgenoten in zoverre deze in overeenstemming zijn met deze Code. Dit sluit echter de mogelijkheid van gegronde kritiek niet uit. Hij onthoudt er zich van zijn vakgenoten in het openbaar te denigreren. Bij het uitoefenen van zijn professionele activiteiten neemt de psycholoog een collegiale houding aan tegenover alle vakgenoten.

  Art. 48. Wanneer een psycholoog van oordeel is dat een vakgenoot zich niet gedraagt in overeenstemming met deze Code, zal hij hem erop wijzen.

  Art. 49. De psycholoog mag geen enkele druk dulden bij de uitoefening van zijn functies. Bij moeilijkheden brengt hij zijn vakgenoten hiervan op de hoogte.

  Art. 50. Bij samenwerking met andere beroepen zal de psycholoog zijn professionele identiteit en onafhankelijkheid doen eerbiedigen en eerbiedigt hij die van de anderen.

  Art. 51. De minister bevoegd voor Middenstand is belast met de uitvoering van dit besluit.

 

GDPS of beter Algemene Verordening Gegevensbescherming of AVG.

De GDPR is een geheel van regels om de gegevens van Europese burgers beter te beschermen. Europa wil met de GDPR bedrijven beperkingen opleggen rond het verzamelen van persoonsgegevens. 

GDPR staat voor General Data Protection Regulation.  In het Nederlands spreken we echter over Algemene Verordening Gegevensbescherming of AVG.

Bij AVG om persoonsgebonden data: elke vorm van informatie die rechtstreeks of onrechtstreeks kan worden gekoppeld aan een individu en betrekking heeft op zijn persoonlijk, professioneel of publiek leven. Het kan dus gaan om een naam, e-mailadres, foto, medische, financiële of commerciële gegevens. Maar ook machinale data zoals een IP-adres.

De huidige Belgische wetgeving is gebaseerd op de Directive 95/46/EC of the European Parliament and of the Council of 24 October 1995 on the protection of individuals with regard to the processing of personal data and on the free movement of such data en die kun je hier vinden.

De nieuwe (dateert echter reeds van 2016) VERORDENING VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming) kun je hier vinden.

 


 

dooddoeners2

Op di 27 maart organiseert de spoed van het AZ Sint-Jozef te Malle in samenwerking met de opleiding Verpleegkunde Thomas More Turnhout een studiedag over de preventie van suïcide.  Wat kunnen we doen en hoe pakken we onze vooroordelen hierover aan?

 Meer informatie: klik hier.

teert

Slotavond 30 jaar Palliatieve Zorg in Noord-West-Vlaanderen
Vzw Heidehuis nodigt uit

28 april 2018 om 19.00 uur.

PROGRAMMA
Senne Mullie, onze pionier blikt terug op het verleden.
Gert Huysmans, voorzitter van de Federatie Palliatieve Zorg Vlaanderen kijkt naar de toekomst.
Brigitte Balfoort en Alexander Verstaen brengen als familieleden een getuigenis.
Poëzie van en door Christine Waerenburgh.
Muzikale omkadering door Marleen Rodts.
Theatervoorstelling ‘TeeRT’. Albertine is op. Ze weigert het aanbod voor het heropstarten van che-motherapie, voor haar is het genoeg geweest. Dochter Vera kan deze beslissing niet aanvaarden. Kleindochter Josefien zoekt zich een weg in haar tegenstrijdige gevoelens…
We sluiten de avond af met een gezellige receptie.

 

 

anders kijken, beter zien

Voor haar 40-jarig bestaan organiseert de dienst klinische psychologie van het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende AV op 23 januari 2018 een studiedag ‘ANDERS KIJKEN, BETER ZIEN’ in het AZ Sint-Jan, campus Sint-Jan Brugge.

In een algemeen ziekenhuis waar patiënten prioritair medische en verpleegkundige zorg krijgen, werken psychologen buiten de actie en de directe handelingen, aan de zijlijn, op afstand, vertragend.
Die plek maakt het hen mogelijk op een reflectieve metapositie te staan en de totale mens achter het vooraan liggende, zorgbehoevende symptoom te ontmoeten in zijn unieke beleving van pijn, verdriet, trauma, beperkingen, verlies, ... Die ontmoeting komt tot stand via gespecialiseerd persoonlijkheidsonderzoek, neuropsychologisch en psychofysiologisch onderzoek, tekeningen en spel, alsook door luisteren, zwijgen en spreken, in diagnostische en therapeutische trajecten.
Workshops willen concreet ingaan op de wijze waarop die trajecten zich uittekenen in sommige gespecialiseerde deelgebieden: neurologie en geriatrie, oncologie en palliatieve zorg, pijn en psychofysiologie, psychiatrie, ouder-kind zorg en chronische ziekten/compliance, educatie en preventie. Hoe dat zich vertaalt op organisatorisch en beleidsmatig vlak, wordt toegelicht.
Meer info en mogelijkheid tot inschrijving volgt in oktober 2017.

Reserveer alvast de datum!

European Pediatric Psychology Conference 2018

European Pediatric Psychology Conference 2018September 20-21, 2018Ghent, Belgium

Dear Colleagues and Friends,

 On behalf of the Organising and Scientific Committee, we warmly welcome you to the European Pediatric Psychology Conference (EPPC) which will be held from 20 to 21 September 2018 in Ghent, Belgium. Previously the two networks on Pediatric Psychology from the UK (PPN-UK) and the Netherlands (PPN-NL) organised conferences in the UK (Oxford, 2012) and in the Netherlands (Amsterdam, 2008 and 2014). We are happy to announce that for the first time the EPPC will be open for all European countries and our USA colleagues, in order to make it a global meeting assembling people from different countries to share their knowledge and experiences in pediatric psychology science and practice.

We are currently developing a scientific programme that truly reflects the “state of the art” in science and clinical practice of pediatric psychology. Prof. Liesbet Goubert from Ghent University (Belgium) has been appointed as the chair of the Scientific Programme Committee (SPC). World-renowned experts in the domain of pediatric psychology will offer up-to-date plenary lectures and clinical workshops on a broad range of topics that are of particular interest to pediatric psychologists, including the promotion of behavioral flexibility in chronic pain management, e-health in pediatric psychology, feeding problems and the transition from pediatric to adult health care.

Both researchers and psychologists working in clinical practice are invited to submit an abstract for an oral or poster presentation, and/or a symposium. All topics related to pediatric psychology are welcomed, but we especially stimulate topics focussing on (acute and chronic) pain, self-management & treatment adherence, end of life care and ethical aspects, e-health in pediatrics (virtual reality / robots / serious gaming), family-centered care, the role of genetics in clinical practice, enuresis/encopresis, feeding problems, infant health (excessive crying, sleep, and feeding problems), gender dysphoria in childhood, and methodological issues in pediatric psychology.

Venue: The conference will be held in one of the most beautiful and historic places in the middle of the city of Ghent. Het Pand is an old Dominican monastery located in the heart of the city on the banks of the river Leie, near the medieval port with the guildhalls as its remnants (https://www.ugent.be/het-pand/en).

The convention centre has a good accessibility by public transport from the railway station Gent Sint Pieters.

Conference Fee: The conference fee will be € 160 (early bird registration, before June 15th 2018).   From June 16th onwards, the registration fee will be € 190.  The optional fee for the social programme will be announced later on.

 You can visit our website www.eppc2018.be

 

Wat mogen psychologen wel en niet met wie delen?

Ik was op 7 maart aanwezig op de sectievergadering klinische psychologie van de BFP.  De ongerustheid van psychologen in verband met wat er wel en niet in verslagen en dossiers mag en moet gedeeld worden werd aangekaart.  Er werd gevraagd om een vanuit onze eigen wetenschap en visie gestuurd standpunt van én de BFP én de Psychologencommissie en niet naar nog eens een herhaling van wat er in KB78, patiëntrechten, deontologische code, privacywetgeving, … staat. 

  • Concreet willen we bijvoorbeeld weten welk standpunt BFP en PC innemen inzake het feit dat:

  • psychologische verslagen in bijvoorbeeld KWS toegankelijk zijn voor andere psychologen en andere disciplines, die onze patiënt (al dan niet op een later moment) rond een andere hulpvraag zien.

  • de afspraken, die patiënten op de raadpleging klinische psychologie hebben zichtbaar zijn voor andere zorgverstrekkers.

  • documenten slechts kunnen worden afgeschermd als er in die documenten verwezen wordt naar derden.

 Ongetwijfeld hebben jullie zelf heel concrete vragen, waarop jullie heel concrete antwoorden willen krijgen.

 Op 24 maart aanstaande zullen onze vragen aan BFP en PC worden voorgelegd.

We zullen er op aandringen dat BFP en PC hun standpunten zo nodig zelf aan directies, EPD-firma’s, … kenbaar maken.

Heb je zelf vragen?   Stuur die  dan voor 20 maart door naar vvpaz@telenet.be.

Ondertussen hebben wij contact opgenomen met de decanen van de verschillende universiteiten, met de auteurs van “De geestelijke gezondheidszorgberoepen: nieuwkomers in de wet op de uitoefening van de

Gezondheidszorgberoepen” (Ellen VANERMEN en Herman NYS), met het cabinet Volksgezondheid, met professoren ethiek, deontologie, …  De interesse om over enkele zaken niet alleen vanuit een juridisch standpunt eens dieper na te denken bleek groot te zijn.  Laat weten of u het zinvol acht dat VVPAZ hieromtrent een overlegmoment organiseert.

 

Met vriendelijke groeten,

 

Stefaan Decorte

Secretaris VVPAZ.

Vraag vergadertechnieken:

Misschien kunnen de volgende webpagina's bijdragen tot creatieve vergadertechnieken:

  • http://www.creatiefdenken.com/brainstormtechnieken.php
  • https://ambrassade.be/werkvormen
  • http://m.voka.be/media/2587370/12_teamoverleg_en_effici_nt_vergaderen.pdf
  • http://www.selgoal.be/mdo/
  • https://lirias.kuleuven.be/bitstream/123456789/355700/1/2012+landa+MDO+Succesfactoren+van+een+Multidisciplinair+Overleg+voor+de+eerste+lijn+in+Vlaanderen.pdf
  • https://www.researchgate.net/profile/Hans_Schuman/publication/241853520_Being_a_professional_today_means_becoming_interprofessional/links/551184470cf270fd7e2fe6fe.pdf
  • http://lib.ugent.be/fulltxt/RUG01/001/893/063/RUG01-001893063_2012_0001_AC.pdf
  • http://sociaal.net/boek/interprofessioneel-en-interdisciplinair-samenwerken-in-gezondheid-en-welzijn/

AANKONDIGING WORKSHOP – MEET THE EXPERT: vrijdag 5 mei 2017 van 13 tot 16.30 u  meer: Afbeeldingsresultaat voor icon pdf

PSYCHOLOGIE IN HET ZIEKENHUIS:
DE BLACK BOX ONTRAFELD
zaterdag 6 mei: van 8.30 tot 12.30 uur
Ziekenhuis Oost-Limburg Genk, Aula
TRACE: Wetenschappelijke inzichten rond de psychologische behandeling van frequenfrequent voorkomende psychologische klachten: meer: Afbeeldingsresultaat voor icon pdf

Afbeeldingsresultaat voor az sint-jan

Op dinsdag 23 januari 2018 viert de autonome dienst Klinische Psychologie van het AZ Sint-Jan AV haar 40ste verjaardag.  Dat gebeurt met een studiedag, waarop psychologen van diverse afdelingen hun werking terugkioppelen naar de recente wetenschappelijke inzichten.

Onthou alvast de datum.


trauma en 22/3

Op dinsdag 18 oktober 2016 hielden wij onze Algemene Vergadering met een themadag over:

  • - De psycholoog op spoed
  • - De psycholoog op intensieve
  • - De oproepbare psycholoog
  • - De organisatie van wachtdiensten
  • - Ervaringen met en na 22/3
  • De vergadering gaat door in zaal Bara van de FOD Volksgezondheid.
  • Met medewerking van:
  • visit brussels

Meer hierover hier.

We besteeden uitgebreid aandacht aan de ervaringen van collega's, die betrokken waren in de hulpverlening na de aanslagen van 22 maart, maar zochten vooral naar handvaten voor het psychologisch werk op spoed, intensieve, ... omgaan met ernstige traumatiserende veranderingen.


Op deze site vindt u tools voor de hulp aan "second victims".

De wet op de psychologie als gezondheidszorgberoep en op de psychotherapie werd op 29/6/2016  gestemd met 79 stemmen voor, 30 tegen en 18 onthoudingen.  Lees het kamerdebat hier en het gepubliceerd KB hier.

Nieuw Vlaams Ziekenhuislandschap:zorgstrategisch plan

lees hier meer.

"Si on me laisse faire"  De zevende dag - 19 juni 2016

Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Maggie De Block (Open VLD) was te gast in de 7de dag.   Ze kondigde een nieuwe regeling aan om het overgebruik van zware medische apparatuur zoals scanners aan banden te leggen. Zij kondigde aan dat er voor het einde van de huidige legislatuur terugbetaling zou zijn van de psychotherapie, ... als alle partijen aan hetzelfde zeel trekken.  

Lees hier het KCE Rapport 265A over de Organisatie- en financieringsmodel voor de psychologische zorg of hoe het KCE huisartsen en psychiaters laat mee-eten van een taart, die er niet is.

Wil nagaan of onze informatie mbt uw dienst klopt.   Wij hebben een pagina aangemaakt waar de verschillende psychologische diensten zichzelf voorstellen.  Wil nagaan of deze informatie up to date is.  Kijk hier.

kosteneffectiviteit

Lees meer over de dropbox inzake (kosten)effectiviteit van klinische psychologie in ziekenhuizen: hier

Lees het verslag van de "Gedachtenwisseling" over de wet        van 4/4/2014 hier.

Maandelijkse aanbiedingen van Boom kun je hier vinden.

Boeiende uitgave van de KBS ivm de toekomstige terugbetalingssystemen in de gezondheidszorg. 

terugbetaling in de gezondheidszorg

Boeiende studiedagen over de organisatie van ziekenhuispsychologie in Frankrijk.

image

In Nederland moet psychosociale zorg integraal onderdeel zijn bij de behandeling van mensen met ernstige lichamelijke aandoeningen (meer).

    Dossier ivm de plaats van het psychologisch verslag in het cpd is hier beschikbaar.

 

Algemene vergadering dinsdag 18 oktober 2016

Eerste impressiebeelden:

start 

ver 

aandachtig

geert 

koffie2 

koffie 

bo 

hilde 

ann 

fronsen 

enthousiasme 

Dorien Vranckaert

 

Aankondiging

 

trauma en 22/3

Op 18 oktober gaat de algemene vergadering van de VVPAZ door in Zaal Bara te Brussel: De zaal Bara bevindt zich in de FOD volksgezondheid, ligt vlak tegenover de ingang van het Zuidstation en is zeer vlot toegankelijk.  Wie met de wagen komt mag gratis parkeren op -6 en kan het ticket laten valideren om dus gratis te parkeren.

Op 18 oktober organiseert de Vlaamse Vereniging van Psychologen in Algemene Ziekenhuizen haar jaarlijkse Algemene Vergadering, die dit jaar gewijd is aan calamiteiten, wachtdiensten,  spoedgevallen en intensieve zorgen.

Wij willen u op de hoogte brengen van het feit dat deze vergadering gratis toegankelijk is voor leden van VVPAZ, psychologen, werkzaam in ziekenhuizen, die overigens gratis lid kunnen worden van de VVPAZ.  Er wordt alleen een kostprijs van  30 € aangerekend voor een broodjesmaaltijd op de middag.  Niet-leden betalen 50 €. 

VVPAZ organiseert deze vergadering in de zaal Bara van de FOD Volksgezondheid. 

Met medewerking van:

visit brussels

 

Met deze vergadering wil VVPAZ ingaan op de volgende vragen van psychologen:

-          Wat als feiten zoals die van 22/3 in onze stad of in onze regio plaatsgrijpen?

-          Wat is goede psychologische zorg bij dergelijke calamiteiten?

-          Op welke manier beantwoorden psychologische diensten aan de eisen van de wet op de GGZ - beroepen: opname in KB 78, die  in Art. 9  de organisatie van wachtdiensten  voorziet?

-          Hoe kunnen we structureel en inhoudelijk omgaan met de kwaliteitseis opgelegd door het Agentschap Zorg en Gezondheid, die de psychosociale zorg vereist voor spoedgevallen en intensieve zorgen?

-          Wat is goeie zorg op spoed, intensieve zorgen, binnen een wachtdienst?

-          Hoe zorgen wij het best voor de zorgenden, die betrokken zijn traumatiserende gebeurtenissen?

 

Het programma ziet er als volgt uit:

08.45: Onthaal met koffie.
09.30: Stefaan Decorte: Inleiding op de studiedag, beelden, die zeggen waar het om gaat.
09.40: Marcel Van der auwera, Diensthoofd Dringende Hulpverlening: Over de organisatie van dringende hulpverlening bij calamiteiten. Ervaringen naar aanleiding van 22 maart.
10.10: Kurt Vansteenwinkel: Ervaringen naar aanleiding van 22/3.
10.25: Marijke Potargent: Goede trauma therapie na schokkende gebeurtenissen.
11.25: Geertrui Serneels: Trauma's bij vluchtelingen en hoe er als hulpverlener mee om te gaan.
12.00: Algemene vergadering (goedkeuring nieuwe leden en jaarrekening)
12.15: Middagmaal
13.30: Bo Van Den Bulcke: Intensieve communicatie. Waar maken wij ons zorgen over?
14.00: Hilde Maet: Ervaringen met een dienst spoedeisende psychiatrische zorg.
14.15: Ann Verhaert: 'Onbezonnenheid en inlevingsvermogen', zinvolle of zinloze therapeutische interventies in crisis- en spoed- en intensieve zorg situaties?
15.15: Tine Daeseleire: Preventief beleid bij schokkende gebeurtenissen: zorg naar psychologen en hulpverleners.
16.15: Dorien Vranckaert: Kwalitatief exploratief onderzoek naar de stand van zaken m.b.t. de aanwezigheid en de organisatie van deze beroepsgroep." De impact van de organisatie.
16.45: Discussie en take-home-messages
17.15: Slot

Stefaan Decorte: is psycholoog in het AZ Sint-Jan en in het Centrum voor Medico-Legale Psychologie, is secretaris van de VVPAZ.

Marcel Van der auwera: is Diensthoofd Dringende Geneeskundige en Psychosociale Hulpverlening van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
Hij ontwikkelde het psychosociaal interventieplan (PSIP) van de FOD en coördineert de psychosociale acties bij collectieve noodsituaties. Hij geeft aan op welke manier ziekenhuizen binnen het PSIP betrokken zijn en gaat in op de verwachtingen ten aanzien van ziekenhuispsychologen. Hij zal ook specifiek aangeven hoe de nood aan psychosociale zorg voor zorgenden wordt ingeschat.

Kurt Vansteenwinkel: is psycholoog van AZ Jan Portaels en spreekt over zojn ervaringen op 22/3 en over de nasleep daarvan.

Marijke Potargent: Psychologe en coördinator in het COPP, Centrum voor Opleiding, Preventie en Psychotherapie, psychotherapeute, tabakologe, psychotraumatologe, rouwtherapeute. Tevens werkzaam als medisch psychologe op cardiologie in UZ Leuven. Zij is ook actief in de Dringende Sociale Interventie (DSI) van het Rode Kruis.

Geertrui Serneels coördineert mee de mobiele teams die sinds de aanvang van de vluchtelingencrisis langs de Vlaamse scholen en welzijnscentra trekken. Veel vluchtelingen komen uit conflictgebieden. Zij werden bij herhaling blootgesteld aan traumatiserende ervaringen. Verschillen met de ‘normale’ tramabehandeling worden toegelicht.

Bo Van Den Bulcke: is sinds 2009 voltijds psychologe in het Universitair Ziekenhuis Gent en staat in voor de ondersteuning van patiënten en familie op intensieve zorgen. Zij schetst kort de PTTS-symptomen na een gemiddelde opname van 3 dagen intensieve zorgen en de belangrijkste aspecten om als team bij stil te staan. Welke impact heeft een opname IZ op patiënten en hun omgeving? Welke taken kunnen we als psycholoog hierin opnemen.

Hilde Maet werkt als klinisch psychologe op de EPSI van het AZ Sint-Jan en geeft aan op welke manier zij daar als psycholoog werkt. Zij geeft een kijk op wat ‘spoed’ en ‘intensieve’ in die context betekenen.

Ann Verhaert: is diensthoofd van de dienst klinische psychologie van het AZ Sint-Jan. In haar voordracht spreekt zij vanuit haar zeer ruime ervaring als kinderpsychologe op spoed en intensieve zorgen over zinvolle of zinloze therapeutische interventies in crisis- en spoed situaties, omgang met traumatische situaties.

Tine Daeseleire: Zaakvoerder The Human Link, Klinisch psycholoog-gedragstherapeut, gespecialiseerd in stress, werkgerelateerde problemen, traumaopvang, angst. Zij heeft het vooral over de zorg voor zorgenden.

Dorien Vranckaert: Dienstverantwoordelijke Klinische Psychologie GZA Ziekenhuizen
De klinisch psycholoog in Vlaamse algemene ziekenhuizen. Maakte in het kader van haar opleiding managent en beleid in de gezondheidszorg een masterproef met als onderwerp: "Kwalitatief exploratief onderzoek naar de stand van zaken m.b.t. de aanwezigheid en de organisatie van deze beroepsgroep." Zij koppelt de informatie terug voor de leden van VVPAZ. Zij geeft haar mening over hoe psychologen zich in ziekenhuizen best kunnen organiseren om aan de verwachtingen inzake beschikbaarheid van psychologische hulp (op spoed, intensieve zorgen en bij calamiteiten) in ziekenhuizen te kunnen voldoen.

Chris Schotte: Professor en diensthoofd klinische psychologie UZ Brussel. Hij leidt de vergadering.

De wet op de GGZ - beroepen: opname in KB 78, voorziet in Art. 9de organisatie van wachtdiensten.  Dit artikel voorziet de mogelijkheid dat de representatieve beroepsverenigingen van klinisch psychologen wachtdiensten mogen (en niet moeten!) instellen, die de bevolking een regelmatige en normale toediening van de klinisch psychologische gezondheidszorgen, zowel in het ziekenhuis als ten huize waarborgen. Van deze wachtdienst mag geen enkele klinisch psycholoog uitgesloten worden op voorwaarde dat hij/zij het huishoudelijk reglement onderschrijft en de deontologische regels respecteert. De beroepsvereniging deelt aan de bevoegde provinciaal geneeskundige commissie de door hen opgestelde wachtrol mee. Via Koninklijk Besluit kan een beroepsvereniging erkend worden om dit te organiseren. Het zijn evenwel de provinciaal geneeskundige commissies die de behoeften bepaalt inzake wachtdiensten. Ze controleren tevens de werking ervan, met inbegrip van de goedkeuring van de huishoudelijke reglementen en ze zullen optreden bij geschillen inzake de wachtdiensten. De geneeskundige commissie kan op eigen initiatief of op vraag van de gouverneur een beroep doen op de medewerking van de belanghebbende organisaties of beoefenaars. Concreet betekent dit voor Vlaanderen dat de Provinciaal Geneeskundige Commissies aan de Vlaamse Vereniging van Klinisch Psychologen kunnen vragen om een dergelijke wachtdienst te organiseren voor wat betreft de klinisch psychologische gezondheidszorg. 

Op de eis opgelegd door het Agentschap Zorg en Gezondheid zal vroeg of laat moeten worden ingegaan.  Voor de planning en de erkenning van de ziekenhuizen mag de Vlaamse Gemeenschap aanvullende normen formuleren, bijvoorbeeld in het kader van het Vlaams kwaliteitsbeleid.  Dat dit nog niet verplicht kon gesteld worden houdt verband met het feit dat deze eis niet kostenneutraal is en dus een federale materie betreft, terwijl de kwaliteitseis een regionale materie aangaat.  Nog los van de eventueel opgelegde eis, komen psychologen nu ook al vaak op spoedgevallen, op intensieve zorgen en ook nu zijn zij in diverse ziekenhuizen al dan niet oproepbaar voor dringende kwesties op deze diensten.  Hoe kan dit best georganiseerd worden en welke vaardigheden worden hier van psychologen verwacht.

Steeds meer wordt van de ziekenhuispsycholoog verwacht dat hij/zij buiten de gewone werkuren oproepbaar is door het ziekenhuis. Veel regelgeving daaromtrent is ons niet bekend. Al evenmin zijn er afspraken of richtlijnen inzake vergoeding daarvoor. Het zou goed zijn als de beroepsverenigingen hieraan aandacht zouden geven.  Gilbert heeft hierover reeds een en ander verzameld op zijn webstek: http://users.telenet.be/allemeesch/KlinPsy/Beroep.htm

Over de ervaringen met de aanslagen van 22 maart 2016 en hoe psychologische diensten in ziekenhuizen zich daarop moeten organiseren. 

-          We laten psychologen aan het woord, die betrokken waren in de zorg op en na 22/3.

-          We hebben het over de vaardigheden, waar psychologen best over beschikken om met dergelijke rampen om te gaan.   Hoe kunnen ziekenhuispsychologen zich voorbereiden op dergelijke en soortgelijke rampen?

-          Spreken is zilver, zwijgen is goud?   Helpt praten altijd?

-          We hebben het over zorg voor zorgenden.

Algemene vergadering

-          Erkenning nieuwe leden door de algemene vergadering

-          Goedkeuring van de rekeningen

-          Oproep tot actieve medewerking inzake sponsoring, ledenwerving, …

Lees de nieuwsbrief van februari 2016 hier.

Psychiatrie en samenleving; het kost wat, maar dan heb je ook wat!

Amersfoort, 1 december 2016

"We leveren waarschijnlijk zelfs meer geld op dan we kosten"

Maatschappelijk rendement van de psychiatrie (meer).

 

Dropbox in verband met (kosten)effectiviteit van klinisch psychologen in ziekenhuizen:

De aanwezigheid van psychologen wordt gewaardeerd door iedereen, die ermee te maken krijgt, verwijzers, patiënten, collega's van andere disciplines, ... De nood aan psychologische hulp bij diagnostiek en behandeling van ziekenhuisgerelateerde problematieken wordt steeds vanzelfsprekender.   De financiering van het werk van psychologen is in ziekenhuizen een complex gegeven, dat door de wetgever stiefmoederlijk werd behandeld.  In deze tijdens van budgettaire krapte zijn de plaatsen van psychologen in ziekenhuizen dan ook vaak strijdplaatsen waarbij een afweging tussen kosten en baten wordt gemaakt.  Enkele collega's verzamelen sinds enige tijd artikels die de (kosten)effectiviteit van klinische psychologie in ziekenhuizen als onderwerp hebben.  Zij delen deze informatie in een dropbox.  Wil jij ook toegang tot deze dropbox om de beschikbare artikels te lezen of om zelf artikels bij te dragen, vraag dan een toegang aan: vvpaz@telenet.be   Uw aanvraag wordt asap verwerkt.   Je krijgt dan een uitnodiging om het lidmaatschap van deze dropbox te accepteren. 

Nationaal colloquium van de Psychologencommissie op 4 maart 2016

Op vrijdag 4 maart 2016 organiseert de Psychologencommissie een nationaal colloquium. Minister van Middenstand Willy Borsus en minister van Volksgezondheid Maggie De Block hebben alvast toegezegd om actief deel te nemen!

Dit middagcolloquium wil een moment zijn om samen na te denken over de toekomst van ons beroep in het licht van de recente ontwikkelingen. Welke vooruitzichten heeft de erkende psycholoog? Wat zijn de implicaties van de erkenning van de klinische psychologie, bijvoorbeeld voor de deontologische code en Tuchtraad? En welke rol zal de Psychologencommissie van morgen spelen?

Zowel erkende psychologen, als de Psychologencommissie staan aan de vooravond van enkele niet te missen opportuniteiten die het statuut van onze discipline in het Belgische landschap kunnen versterken. Wij willen deze kansen niet orkestreren vanuit een ivoren toren, maar wensen hierover met u en met enkele toonaangevende sprekers in debat te treden.

Het colloquium start kort na de middag en wordt in de vroege avond gevolgd door een receptie. De deelname is gratis. Nadere informatie over locatie en inschrijvingen, alsook een definitief programma volgen in de loop van januari, maar

Noteer alvast vrijdag 4 maart 2016 in uw agenda!

Op vrijdag 8 april 2016 vindt het achtste jaarcongres van de Stichting Wetenschapsbevordering Klinisch psycholoog & Klinisch neuropsycholoog (WKK) plaats in de Jaarbeurs in Utrecht. Dit jaar met als thema:

“Klinisch redeneren en Gedeelde besluitvorming”

Binnen de gespecialiseerde GGZ komen klinisch psychologen en klinisch neuropsychologen steeds meer in de rol van regiebehandelaar en regisseur van diagnostiek en behandeling. Voor deze rol van ‘playing captain’ zijn klinisch redeneren en shared decision making belangrijke gereedschappen.

Keynote sprekers zijn Cilia Witteman, Bas Haring en Jim van Os. Witteman zal de algemene inleiding op de dag geven en vooral stil staan bij klinische besliskunde, oordelen en beslissen. Bas Haring zal de filosofische kant benadrukken en Jim van Os is gevraagd zijn ‘tegendenkkracht’ te tonen over maatschappelijk-politieke en behandelinhoudelijke ontwikkelingen binnen de GGZ.

Oproep RINO Groep posterprijs
Klinisch psychologen, klinisch neuropsychologen en GZ-psychologen in opleiding tot specialist worden uitgenodigd een poster te maken over lopend of afgerond wetenschappelijk onderzoek. We dagen je uit vóór 1 maart 2016 een posterpresentatie te mailen naar maarten@zonderzorg.nl. Aan de maker van de beste poster wordt door de RINO Groep een posterprijs uitgereikt. Deze prijs bestaat uit een geldbedrag van € 1.000. Zij die een poster mogen presenteren, betalen een sterk gereduceerde toegangsprijs van € 100,- voor het congres.

Laat deze unieke kans niet aan je voorbij gaan! Veel collega’s zullen namelijk op deze manier te weten komen waarover je onderzoek doet. Mogelijk kun je waardevolle (onderzoeks)contacten opdoen tijdens de pauzes, waarin je je poster desgewenst kunt toelichten of eventuele vragen kunt beantwoorden.

Programma, meer informatie en aanmelden
Het definitieve programma én de mogelijkheid om u op te geven voor het congres zijn inmiddels bekend. Lees meer over het programma, over de posterprijs en geef u nu op via www.zonderzorg.nl/jaarcongres of bekijk de congresfolder: hier.

 

Verslag van de VVPAZ-werkvergadering

 

Antwerpen 22 september 2015

 

Sint-Vincentius Antwerpen

Definitie en competentieprofiel voor klinisch psychologen in België:

Prof. Dr. Chris Schotte, UZ Brussel, Diensthoofd Klinische Psychologie, stelde het advies 9194 van de HGR/CSS voor met als titel  "Definitie en het profiel van de competenties van de klinische / gezondheidszorg psycholoog in België”.
Hij stelde zijn ppt ter beschikking voor alle leden.
We verwijzen ook graag naar het volledige rapport dat u hier kunt vinden.

Chrisschotte

Bekijk de hele ppt hier.

Horen, zien en zwijgen:

De plaats van het psychologisch verslag in het centraal medisch dossier.   Het debat werd gemodereerd door Ann Verhaert, diensthoofd klinische psychologie van het AZ Sint-Jan te Brugge.
Zij stelde haar ppt ter beschikking van alle leden.
We vermelden hierbij dat de ppt alleen betrekking heeft op een meer ethische benadering van de problematiek. We verwijzen voor de bredere context van dit stuk van het verhaal naar onze nieuwsbrief over dit thema.
Het onderstaande stuk met betrekking tot

horen zien en zwijgen

Bekijk de hele ppt hier.

Kanttekeningen bij het themanummer "het psychologisch verslag in het CPD".

 

Strefaan Decorte, secretaris VVPAZ, maakte nog enkele kanttekeningen bij het themanummer rond het psychologisch verslag in het CPD.

Factoren, die ons denken rond dit onderwerp helpen sturen zijn:

• Beroepsgeheim was (en is nog voorlopig) een gedeeld beroepsgeheim
• Patiëntenrechten onder KB78
• De deontologische code
• Privacywetgeving

Informatie die gedeeld wordt moeten we beperken tot wat noodzakelijk is om de vraag te beantwoorden (= beperkt door de vraag en is beperkt in de tijd).

Dat JCI eist dat “alle relevante informatie over de patiënt continu beschikbaar moet zijn voor alle bij de patiënt betrokken zorgverleners” heeft redenen en beperkingen. De achterliggende reden houdt verband met veiligheid (van de patiënt, de maatschappij en de ziekenhuismedewerkers). Dit is geen argument om “het hele verhaal van de patiënt” voor iedereen beschikbaar te maken.

Het is belangrijk dat de psycholoog de vraag beantwoordt en dat daarvan een verslag met de vraagrelevante informatie wordt gemaakt. Dat verslag wordt aan de verwijzer gericht. Dat verslag mag niet in een centraal dossier worden opgehangen.

Dat men gemeenschappelijk streeft naar veiligheid van de patiënt, de maatschappij, de ziekenhuismedewerker laat toe dat men bepaalde informatie deelt, maar niet dat we alle informatie delen.  We mogen dus zeker ook niet alle informatie delen met iedereen. 

• plichtsethiek vs regelethiek (naast regels en wetten is er ook een meer filosofisch argument om niet alles met iedereen te delen)
• zorgethiek is een relationele ethiek. We geven antwoorden die relevant zijn binnen een relatie en een context. Onze antwoorden zijn dus niet absoluut. Buiten die relatie en buiten die context zijn onze antwoorden niet zomaar over te nemen.
• vertrouwen en vertrouwelijkheid.
• bescherming inbouwen.


Het is opvallend hoe weinig er bij beleidsbepalende instanties, maar ook binnen diverse disciplines wordt nagedacht over de grenzen aan de brede toegankelijkheid van patiënten gegevens. We zouden dan ook graag oproepen om in deze luis in de pels te zijn. We verwijzen hier graag naar het boekje 'Gekkenwerk. Kleine ondeugden voor zorgdragers' van dr. Linus Vanlaere (ethicus, wetenschappelijk medewerker verbonden aan het Centrum voor Biomedische Ethiek en Recht) en prof. Roger Burggraeve (ethicus KULeuven).
Het boek gaat ervan uit dat niet alle deugden absoluut goed zijn, niet alle ondeugden absoluut negatief. Vermeende ondeugden zoals antipathie, luiheid of traagheid, middelmatigheid, hypocrisie, woede, en ongehoorzaamheid kunnen soms helpen om het vol te houden en er toch te zijn voor de ander.

We zouden er hiervoor durven pleiten om met betrekking tot dit thema toch ook een zeker ongehoorzaamheid aan de dag te leggen, al was het maar om alle betrokkenen hieromtrent diepgaand te laten nadenken.

Onbezorgd kind zijnVVPAZ feliciteert de organisatoren van het congres (On)Bezorgd kind zijn.

Op 26 september 2015 organiseerden de pediatrisch psychologen van het UZ Leuven een congres, genaamd (On)Bezorgd kind zijn. Het was een zeer geslaagde dag met meer dan 90 deelnemers, veel interactie en inspiratie.

In de voormiddag stonden drie sprekers op het programma. Dr Mandy Bryon (Great Ormond Street Childern’s Hospital London, UK) gaf een mooi historisch overzicht van de plaats van de pediatrische psycholoog in het ziekenhuis. Prof. dr. Koen Luyckx (KULeuven) gaf een excellente lezing  over nieuwe inzichten in de identiteitsontwikkeling bij chronisch zieke kinderen en jongeren: van onderzoek naar praktijk. Dr. Marleen Renard  (UZLeuven) sprak vervolgens over Advance Care Planning in het kinderziekenhuis, een bewogen en belangrijk thema in de zorg voor ernstig en chronisch zieke kinderen.

Na een aangename lunch volgden in de namiddag twee parallelle sessies. Ervaren psychologen en artsen verzorgden vier workshop: 1. Partnerschap met ouders: de stem van 300 deelnemers aan Magenta-workshops – Noor Seghers (KU Leuven); 2. Neuropsychologie in het kinderziekenhuis – Jurgen Lemiere en Sam Geuens (UZ Leuven) en Annick Fonteyne en Nathalie Ansoms (Pulderbos); 3. Therapietrouw, een levenslange uitdaging – Eveline Goethals (UZ Leuven) en Jolien Laridaen (UZ Gent) en 4. Ontslagen uit het ziekenhuis, maar nog niet naar huis: Het revalidatiecentrum – dr. Marleen Moens (Pulderbos) en Sophie Ruysschaert en Liesbeth Bullens (Zeepreventorium).

Het was een geslaagd symposium, en we kijken al uit naar het volgende symposium in 2017.

Nabespreking door een kleine groep pediatrische psychologen:

Kort overleg gehad over de mogelijkheden om de communicatie en informatie uitwisseling tussen pediatrisch psychologen in Vlaanderen te verbeteren. De nieuwsbrief van het VVPAZ kan hiertoe dienen. Psychologe Ellen Belmans wil de praktische organisatie (mailinglijst beheren) op zich nemen.

Een andere mogelijkheid die werd voorgesteld om de communicatie en interactie tussen pediatrische psychologen te verbeteren is het voorstel om regionaal, bijvoorbeeld twee maal per jaar, een informele bijeenkomst te organiseren. Deze bijeenkomsten kunnen ingevuld worden met het bespreken van onderzoek artikelen in het werkgebied, uitwisseling van behandelmethodes, intervisie moment, etc. De mailinglijsten, waarop de regio zal worden aangegeven, kan helpen om groepen te creëren per regio. De regionale pediatrisch psychologen  kunnen zelf het initiatief nemen hun collega’s aan te spreken om lokale bijeenkomsten  te organiseren. De VVPAZ kan hierin een verbindende rol spelen door voor communicatie te zorgen, concreet via een nieuwsgroep alleen voor deze subgroep.

Het tweejaarlijks symposium/ congres wordt als zeer waardevol ervaren. De drie voorbije symposia gingen door in Hasselt, Gent en nu in Leuven. Vraag blijft open wie dit volgende keer doet. Mogelijkheid is het Europees congres voor pediatrische psychologie, dat al doorging in Nederland en Engeland, mogelijks in 2017 of 2018 in België zou doorgaan. In dit geval kan er een samenwerking opgezet worden met de verschillende universitaire centra, eventueel ruimer. Eline Van Hoecke vanuit UZ Gent is hierbij betrokken en houdt deze mogelijkheid open.

Aanwezigen op overleg: Jurgen Lemiere, Linde Van den Wyngaert, Lore Willem, Trudy Havermans, Trui Vercruysse (allen UZleuven), Ellen Belmans en Sanne Kuylen (beiden UZ Antwerpen), Julie Neef en Iris Deblauwe (beiden UZ Brussel), Hanne Raets (AZ Sint Blasius), Nathalie Ansoms en Annick Fonteyne (beiden Pulderbos).

Trouble in paradise (over de erkenning binnen KB78):

Op 4 april 2014 werd de wet op de GGZ-beroepen afgekondigd en werd de klinisch psycholoog eindelijk een erkend gezondheidszorgberoep. De wet moet in uitvoering worden gebracht tegen 1 september 2016 aan de hand van een aantal uitvoeringsbesluiten.
We hebben eerder melding gemaakt van de mogelijke juridische problemen met deze wet. Gilbert Allemeesch schreef hierover op 28 maart van vorig jaar: "De plenaire vergadering van de Kamer heeft op 27.03.2014 het wetsontwerp aangenomen. Het zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd. Hiermee lijkt deze Fyra van de gezondheidszorgwetgeving op de sporen te staan. Nu wachten op de eerste pannes."
We maakten reeds melding van de klacht van de orthopedagogen bij het Grondwettelijk Hof.
Een belangrijker probleem stelt zich in verband met het feit dat een federaal orgaan niet bevoegd kan zijn voor een regionale materie (onderwijs). Concreet mag de Federale Raad voor Psychotherapie geen opleidingen psychotherapie erkennen.
De in de wetgeving opgenomen "machtiging" om de praktijk van de psychotherapie te beoefenen bestaat juridisch gezien niet.

De wet zal daarom “gerepareerd” worden.

De minister heeft tegelijk haar bezorgdheid laten blijken over enkele zaken, die opgenomen zijn in het deel met betrekking tot de psychotherapie. Dit luik zal helemaal herschreven worden, wat de minister o.i. terecht toevertrouwt aan deskundigen binnen haar kabinet en waarbij ze rekening houdt met de insteek van de adviesraden, waar zij over beschikt. De psychotherapie zou dan toch geïntegreerd worden in het KB 78, maar dan wel volgens het advies 7855 van de Hoge Gezondheidsraad (hier). Dit impliceert dat psychotherapie beschouwd zal worden als een specialisatie van universitaire basisberoepen in de gezondheidszorg. Op die manier genieten cliënten van psychotherapeuten dezelfde bescherming als patiënten in het algemeen.  Vanuit VVPAZ werd hiervoor destijds ook geijverd.

Het spreekt voor zich dat bepaalde belangengroepen, dezelfde, die de wettelijke regeling eerder al 15 jaar hebben tegengehouden, opnieuw van zich laten horen. De heftigheid waarmee zij andermaal reageren wekt de indruk dat het om een belangrijke en grote groep gaat, wat evenwel niet het geval is. We mogen hopen dat de minister en onze Kamerleden zich boven het rumoer weten te verheffen.

We zien uit naar de zitting van de Kamercommissie volksgezondheid, die het onderwerp op 10 november aanstaande op haar agenda heeft. De Rode Duivels spelen de dag voordien niet, wat hopelijk een sereen debat toelaat.

Enkele rapporten, waarvan we het zinvol achtten dat u ze kon inkijken:

Train-the-trainer

Opleiding geven (aan mijn collega’s): fijne uitdaging of lastige opdracht ?

Doelgroep:  professionelen, werkzaam in oncologie, die verwacht worden opleiding of intervisie te geven aan hun collega’s. 
Zowel mensen met ervaring, die zich verder wensen te bekwamen, als mensen zonder opleidingservaring kunnen inschrijven.
 

Doelstelling: Een theoretisch kader, praktische tools en oefenmomenten aanbieden omtrent het geven van opleiding, training en intervisie in de oncologie.  Er wordt  steeds vertrokken vanuit een nauwkeurige analyse van het doel van de opleiding.  Doelen kunnen o.a. zijn: deelnemers sensibiliseren, kennis overdragen, hun vaardigheden verhogen….

De opleiding gaat door in Brugge en start op 12 november '15 olv Walter Rombouts. 

Binnen het AZ Sint-Jan Brugge-Oostende wordt op 17-10-2015 een symposium georganiseerd ter gelegenheid van het 15 jarig bestaan van de geheugenkliniek. U bent hierbij van harte uitgenodigd. Voor meer informatie.   Meer informatie hier.

De Vlaamse Regering keurt de conceptnota over Flanders' Care goed. Het programma Flanders' Care werd opgestart tijdens de vorige legislatuur, om de verwachtingen vanuit de zorgsector en de ondernemerswereld beter op elkaar af te stemmen. De conceptnota legt nu het kader vast om tussen de verschillende betrokken beleidsdomeinen samen te werken en te komen tot een Actieplan Flanders' Care 2014-2019.  Lees hier de conceptnota.

Uitnodiging16mei2013.pdf en Benefiet 26 09 2015.PDF

De Gentse Alumni Psychologie (GAP) organiseren daarom op 9 oktober, samen met PSYNC, een symposium over preventieve gezinsondersteuning.  We staan tijdens dat symposium stil bij de noden aan gezinsondersteuning vandaag en geven het forum aan zowel wetenschappelijke experts als aan mensen uit de praktijk. Samen zoeken we naar duidelijke en wetenschappelijk onderbouwde richtlijnen in functie van gezinsondersteuning en gaan dieper in op de vraag hoe er therapeutisch kan gewerkt worden in het geval van verontrustende opvoedingssituaties.  Het symposium staat open voor iedereen en gaat door in Gent. GAP leden en studenten psychologie aan de UGent betalen 30 Euro. Anderen 40 euro.  Meer info en inschrijven via de website van GAP.

“Derde congres in de psychosociale oncologie”

Het CHi organiseert het "Derde congres in de psychosociale oncologie" op dinsdag 1 december '15.

We hebben het genoegen om als keynote spreker Prof. Maggie Watson te mogen ontvangen rond het thema: The Impact of Parental Cancer on Dependent Children.

Als nationale expert heten we Prof. Peter Adriaenssens hartelijk welkom om te spreken over  de impact van een zieke ouder op de ontwikkeling van adolescenten

We zijn verheugd om Cindy Verhulst te mogen verwelkomen om haar praktijkvoorbeeld rond “Groepsinterventies bij kinderen van (groot)ouders met een oncologische aandoening” toe te lichten.

We nodigen iedereen in de psychosociale oncologie, die met onderzoek bezig is, uit om mee te werken aan de congresdag. We willen zorgverleners en onderzoekers motiveren een abstract in te dienen. 

Hierdoor kan u in aanmerking komen voor een posterpresentatie of mondelinge presentatie op het event. We voorzien eveneens een mooie prijs voor 'beste onderzoek in de psychosociale oncologie'. 

Het indienen van abstracts kan via volgende link:

www.chicom.be/form/formulier-abstract

De deadline ligt vast op 30 september ’15.

Meer info over het programma en inschrijven kan via deze link.

Op vrijdag 16 oktober 2015 organiseert de Werkgroep ‘Ethiek in de kliniek’ (WEK) zijn 8ste symposium. Het thema dit jaar is ‘De raakbare mens. De kwetsbaarheid van de zorgverlener. Het symposium gaat door in de PXL-Congress te Hasselt

Graag nodigen wij u uit op dit symposium waar wij, zonder afbreuk te willen doen aan het fundamentele uitgangspunt van de zorg (‘de kwetsbare patiënt’), nu willen focussen op de ‘kwetsbaarheid van de zorgverlener’ zelf. Wij zouden u ook zeer dank weten, mocht u de info over ons symposium via UW WEBSITE (of op een andere wijze) in uw instelling of via uw organisatie bekendmaken.

 PROGRAMMA

09.00 – 09.30 uur                   Onthaal met koffie

09.30 – 09.35 uur                   Verwelkoming door Willem Descamps (voorzitter ICURO)

09.35 – 09.45 uur                   Inhoudelijke situering door dr. Walter Krikilion (stafmedewerker OPZ Geel; doctor in theologie en psychotherapeut; voorzitter van de Werkgroep ‘Ethiek in de kliniek’ van ICURO)

09.45 – 10.35 uur                   Kwetsbaarheid; onze levensbeschouwing, onze tragiek – (aan de hand van de film ‘The Broken Circle Breakdown’) door prof. dr. Sylvain De Bleeckere (hoofddocent in de Faculteit Architectuur en kunst van de U Hasselt; doctor in de wijsbegeerte)

10.35 – 11.15 uur                   Dialoog: de weg naar goede zorg – door Dirk Van Laethem (provinciaal directeur Familiehulp)

11.15 – 11.35 uur                   Pauze

11.35 – 12.15 uur                   Omgaan met kwetsbaarheid: welke sleutels heeft de zorgverlener zelf in handen?  – door dr. Alexander Verstaen (doctor in de psychologie, werkzaam in Federatie Palliatieve Zorg Vlaanderen en In PERENNIS)

12.15 – 13.30 uur                   Lunch

13.30 – 14.30 uur                   Keuze voor werkgroep 1:  Van een zorg-ethisch lab naar de psychogeriatrische praktijk –  door Carine Bas (hoofdverpleegkundige in ZOL Genk) en  Anouk Peeters (klinisch (neuro)psychologe in ZOL-Genk)

Keuze voor werkgroep 2:  Psychische kwetsbaarheid als kracht – door  dr. Walter Krikilion  en Erik Van der Eycken (ervaringsdeskundige GGZ en actief bij Ups & Downs en in het Netwerk GGZ Kempen)

Keuze voor werkgroep 3: Ethiek van de kleine verhalen: over de kwetsbaarheid en de kracht van narratief werken in de zorg – door  Petra Maggen en Leen Plessers (beiden zijn werkzaam als Woonzorgcoördinator in WZC Sint Jozef, Neerpelt) 

Keuze voor werkgroep 4:  Van raakbaarheid naar weerbaarheid: reflecties vanuit het verpleegkundig onderwijs – door dr. Joke Lemiengre (programmaleider Ethos, UC Leuven-Limburg; doctor in de biomedische wetenschappen) en Nancy Cannaerts (lector ethiek, UC Leuven-Limburg)

14.30 – 14.45 uur                   Pauze

14.45 – 15.45 uur                   Herhaling van de 4 werkgroepen (naar keuze van de deelnemer)

15.45 – 16.00 uur                   Conclusies en aanbevelingen - 'Het laatste woord ... is nog niet gezegd'  o.l.v. dr. Walter Krikilion

16.00 – 16.30 uur                   Receptie

 Deelnameprijs:

Medewerkers van Zorgnet-ICURO-ziekenhuizen en zorgvoorzieningen betalen 70 EURO.
Andere deelnemers betalen 90 EURO.

Meer informatie over het programma en de inschrijvingsmodaliteiten vindt u hier (eerst account aanmaken, zie beneden)

 Online inschrijven kan u hier (link http://www.zorgneticuro.be/content/inschrijving-wek-16102015).

Let wel: Recent lanceerde Zorgnet-Icuro een nieuwe website www.zorgneticuro.be. De inschrijvingen voor de studiedagen verlopen vanaf nu volledig digitaal.   Vooraleer u zich voor de eerste maal voor een studiedag kan inschrijven, dient u eerst een account aan te maken.  Surf naar www.zorgneticuro.be, klik op “aanmelden” rechtsboven, kies “nieuwe account aanmaken” en volg de aangegeven procedure. Hebt u reeds een account, dan dient u zich enkel aan te melden met uw paswoord.  Ondervindt u problemen met de registratie of is er iets onduidelijk, contacteer dan onze helpdesk (helpdesk@zorgneticuro.be of 02/507 01 60).

Studiedag Verslavingszorg

Verslavingszorg

Geweld in de klinisch psychiatrische setting.

 

 

The 9th European Congress on Violence in Clinical Psychiatry is co-organized by the European Violence in Psychiatry Research Group (EViPRG) & the European Network for Training in the Management of Aggression (ENTMA08), and with due reserve is a World Psychiatric Association (WPA) co-sponsored meeting.


The 9th European Congress on Violence in Clinical Psychiatry will focus strongly on clinically relevant and practically useful interdisciplinary scientific and practical knowledge with regard to interventions aiming at treating and reducing violent behavior of psychiatric patients, forensic patients and severe problem behavior in persons with intellectually disability. Hence the overall congress theme “Advancing knowledge – Transforming Practice”. Further also this time a debate “meeting of minds” regarding user participation.

You are cordially invited to attend and register and book your hotel accommodation.




Graag informeren wij u over de NVN najaarsconferentie en het symposium van de NIP sectie Neuropsychologie.

NVN Najaarsconferentie

Op vrijdag 6 november aanstaande organiseert de NVN de najaarsconferentie in het Sciencecenter NEMO in Amsterdam. Het thema van de najaarsconferentie is 'Cognitie in beeld: wat kunnen we als neuropsychologen leren van neuroimaging?'. Sprekers zijn o.a. Dr. Marco Catani, Prof. dr. André Aleman, Prof. dr. Rainer Goebel en Prof. dr. Nick Ramsey. Meer informatie vindt u op onze website: http://www.nvneuropsy.nl/conferenties/najaarsconferentie-2015/

Ook kunt u zich aanmelden via de volgende link: http://www.nvneuropsy.nl/aanmelden/

Wij zien u graag in Amsterdam!

Symposium NIP sectie Neuropsychologie

De NIP sectie Neuropsychologie bestaat 15 jaar en zij organiseren daarom op 2 & 3 oktober 2015 een jubileumsymposium in Kaap Doorn te Doorn. Het thema van het jubileumsymposium is ‘Een kwestie van geluk’ en sprekers zijn o.a. Prof. dr. Trudy Deheu en Prof. dr. Dick Swaab. Meer informatie over het programma en over hoe u zich kunt aanmelden vindt u in de bijlage.

Vriendelijke groeten,

Het bestuur van de NVN

Bijlage: http://www.nvneuropsy.nl/bijlagen/Sectie Neuro Lustrum flyer definitief.pdf

ADVISORY REPORT OF THE SUPERIOR HEALTH COUNCIL no. 9194

Definition of and competency profile for clinical psychology in Belgium

This report aims at providing clinical / health care psychologists with specific recommendations on definition and profile of competencies

 

The Council reserves the right to make minor typographical amendments to this document at any time. On the other hand, amendments that alter its content are automatically included in an erratum. In this case, a new version of the advisory report is issued.

EXECUTIVE SUMMARY

With this report, the SHC provides a definition, a description of the field of professional activity, and a profile of competencies of the psychologist as a health care professional in Belgium. The scientific literature, publications of international professional organizations and discussions with representatives of the profession and related health care professions, the academic world and policy makers served as a base for the advisory report (SHC, 2015). The double professional title of clinical / health care psychologist was adopted in order to reflect the scope of professional activities. The advice considers the profession at the level of competence for entry into independent practice. The training route to acquire this level of competence consists of a master’s degree in the domain of clinical / health care psychology, obtained after minimum five years of university training, completed with minimum one year of supervised practice (EFPA, 2015) .

A clinical / health care psychologist in Belgium is a professional practicing clinical /health care psychology, defined as: ”the autonomous development and application of theories and methods of scientific psychology in the promotion of health, in the psychological screening, diagnosis and assessment of health problems, and in the prevention, the management and the treatment of these problems in people”.

These activities are applied in the broad field of health care such as health education and promotion, prevention and treatment of health problems, rehabilitation and crisis intervention. This implies that the clinical / health care psychologist can be actively integrated in the first, second and third line of patient care and in the Belgian health care institutions.

A competency profile for the Belgian clinical / health care psychologist is proposed, based on various internationally recognized competency models such as the competency cube (Rodolfa et al., 2005), and more specifically on the revised competency benchmark model (Hatcher et al., 2013), as proposed by the American Psychological Association. Models advanced in countries such as the Netherlands and the United Kingdom and the model of the EFPA were also taken into account.

The competency profile of the Belgian clinical / health care psychologists is described at the level of entry into independent practice by means of foundational and functional dimensions. The foundational competency dimension concerns professionalism, relational skills and scientific competencies. The functional competency dimension refers to professional application of evidence based psychological practice, psychological assessment and interventions, educational competencies, and system competencies, referring to interdisciplinary relationships, organizational and societal engagements. These competencies domains are operationalized in behavioral benchmarks in order to make the competency model suitable for various uses, including development of education and training programs, quality assessment and control, function descriptions in professional contexts, and health care policy development.

27 november 2015 : psychotrauma en therapie (meer?   klik op on derstaande foto)
Psychotrauma & Therapie, Esper vzw
Eerstelijnszorg voor morgen:

Hou er aub rekening mee dat de eerste en enige psychologische zorg, waar mensen gebruik zullen van maken, zich soms op de derde lijn bevindt!

PERSMEDEDELING VAN

JO VANDEURZEN, VLAAMS MINISTER VAN WELZIJN, VOLKSGEZONDHEID EN GEZIN

27 mei 2015


Start hervormingstraject eerstelijnsgezondheidszorg Vlaanderen 2015-2019

 

De Vlaamse overheid wil de eerstelijnsgezondsheidszorg hervormen. Momenteel zijn er diverse netwerkstructuren actief op de eerste lijn. De zesde staatshervorming creëert het momentum voor de overdracht van de ondersteuning van de gezondheidsberoepen van de eerste lijn en de herorganisatie van de eerstelijnsgezondheidszorg. Participatie is het kernwoord in het veranderingstraject, zowel voor burger als professional.

“De uitbouw en versterking van de eerstelijnsgezondheidzorg is cruciaal,” zegt Jo Vandeurzen, Vlaams minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, “zeker gezien de stijgende noden aan goede chronische zorg, zorgcontinuïteit, ouderenzorg en geestelijke gezondheidszorg.” De hervorming van de eerstelijnsgezondheidszorg zal gebeuren in een participatief traject met alle betrokkenen, en dus ook met de gebruikers. Dat moet uitmonden in een eerstelijnsconferentie in het voorjaar van 2017. Op die conferentie zullen verschillende voorstellen tot hervorming geformuleerd worden.

Participatief veranderingstraject

Vandaag wordt op het samenwerkingsplatform eerstelijnsgezondheidszorg het startschot gegeven voor zes verschillende werkgroepen. Hun voorstellen zullen op de eerstelijnsconferentie begin 2017 worden gepresenteerd en moeten leiden tot nieuwe Vlaamse regelgeving die het eerstelijnszorglandschap hertekent. De werkgroepen worden divers samengesteld uit vertegenwoordigers van gebruikers, zorgverstrekkers, voorzieningen, wetenschappers en experten.

Het veranderingstraject moet ook aansluiten bij andere lopende of nog te initiëren hervormingen, met name: de uitbouw van de Vlaamse sociale bescherming, de ontwikkeling van een nieuw organisatie- en financieringsmodel voor de ouderenzorg, de implementatie van de persoonsvolgende financiering voor personen met een handicap, de inkanteling van de nieuwe bevoegdheden inzake de geestelijke gezondheidszorg en de verbreding van het bereik van de zorgstrategische planning van ziekenhuizen.

Daarnaast wordt ook rekening gehouden met een aantal transities op het federale niveau.

  

Patiënt/cliënt centraal


De huidige maatschappelijke context wordt gekenmerkt door een toename van het aantal personen met een langdurige zorgnood, chronische ziekte en multimorbiditeit (meerdere chronische ziekten). Daarom wil minister Jo Vandeurzen vertrekken van een persoonsgerichte en geïntegreerde benadering: “Dit veronderstelt
een toegankelijke hulp en herkenbaarheid van de sector voor de burgers. Om die nog beter te realiseren, herstructureren en vereenvoudigen we de verschillende netwerk- en overlegstructuren.”

Om in een netwerk meer zorg op maat te kunnen aanbieden worden de samenwerkingsinitiatieven eerstelijnsgezondheidszorg, de palliatieve netwerken, de LOGO’s, de lokale multidisciplinaire netwerken, de samenwerkingsverbanden inzake palliatieve zorg, de multidisciplinaire begeleidingsequipes voor palliatieve verzorging en de geïntegreerde diensten voor thuisverzorging omgevormd. Ook wordt onderzocht of de Overlegplatforms Geestelijke Gezondheidszorg in het netwerk kunnen worden geïntegreerd.

Behalve dat de herkenbaarheid van de structuur van de gezondheidszorg vergroot wordt voor wie zorg behoeft, zal de vereenvoudigde structuur ook voor de zorgverleners en de overheid tot efficiëntiewinst leiden, zoals het beperken van het aantal overlegmomenten en kortere communicatielijnen. Deze herstructurering van de eerste lijn zal in gezamenlijk overleg met de stakeholders en met vertegenwoordigers van de gezondheidszorgactoren op de eerste lijn voorbereid worden. Ook het Vlaams Patiëntenplatform zal in het overleg vertegenwoordigd zijn.

6 werkgroepen

Zes werkgroepen beraden zich over diverse thema’s die zij op de eerstelijnsconferentie zullen presenteren:

Werkgroep 1: “Taakstelling en structuurintegratie”
Werkgroep 2: “Geografische afbakening van de zorgregio’s”
Werkgroep 3: “Modellen voor integrale zorg”
Werkgroep 4: “
De patiënt centraal?
Werkgroep 5: “Gegevensdeling en Kwaliteit van zorg”
Werkgroep 6: “Innovatie en ondernemerschap in de zorg”

De werkgroepen ronden hun werkzaamheden af in het najaar van 2016. Op basis van de voorstellen uit de werkgroepen zal minister Vandeurzen op ronde gaan door Vlaanderen en in de provincies in dialoog gaan met lokale stakeholders.

Het volledige hervormingsplan ‘Reorganisatie van de eerstelijnszorg in Vlaanderen’ vind je op www.jovandeurzen.be

Pers: Voor vragen kan u terecht bij Nico Krols – woordvoerder Jo Vandeurzen – 0476 907 972 – nico.krols@vlaanderen.be

Brief van VVPAZ aan IF/IC in verband met het functieklassificatiesysteem.  De loonbarema's voor psychologen zijn duidelijk gedateerd en houden geen rekening met de aard, de complexiteit en de zwaarte van het werk van psychologen.   Bovendien worden er steeds nieuwe eisen gesteld.  Tijd om dit in vraag te stellen.

Geachte Mevrouw,

Ik schrijf u als secretaris van de VVPAZ.

Psychologen werkzaam in ziekenhuizen hebben de indruk dat het gewicht van hun werk sterk ondergewaardeerd wordt binnen het bestaande functieclassificatiesysteem. 

  • Er wordt geen rekening gehouden met de nood aan bijkomende opleidingen om bijvoorbeeld te werken als neuropsycholoog.

  • Er wordt onvoldoende rekening gehouden met de emotionele belasting van bijvoorbeeld oncopsychologen, die 38 uur per week alleen maar patiënten begeleiden op de meest pijnlijke en emotionele momenten.

  • Er wordt onvoldoende ingeschat dat er bijvoorbeeld psychologen zijn, die binnen het palliatief supportteam én de zorg hebben voor de patiënten, soms 10 overlijdens per week meemaken, én de zorg hebben voor de teamleden.

  • Er wordt onvoldoende rekening gehouden met het werk van psychologen op intensieve zorgen (de verplichting om wachtdiensten te hebben).

  • Er wordt onvoldoende rekening gehouden met de evoluties binnen de PAAZ-psychologie (psychologen, die aan huis gaan, die op spoed instaan voor opvang, zeer grote turnovers hebben op kortverblijfafdelingen).

  • Er wordt onvoldoende rekening gehouden met hun leidinggevende en coördinerende functie binnen diverse teams.

  • Er wordt te weinig rekening gehouden met de grootte van de psychologische diensten (10 à 95 psychologen in algemene ziekenhuizen en academische ziekenhuizen is niet ongebruikelijk meer) inzake de waardering van de diensthoofden psychologie.

Mag ik vragen of en op welke termijn men bij het IF-IC bereid is de functieclassificatie van psychologen in ziekenhuizen te herzien?

Op welke manier kunnen de ziekenhuispsychologen in dit verhaal gehoord worden.

Met dank en vriendelijke groeten,

Stefaan Decorte
Psycholoog
Secretaris VVPAZ
vvpaz@telenet.be
www.vvpaz.be

 Het functieklassificatiesysteem voor algemene ziekenhuizen: hier

Het functieklassificatiesysteem voor psychiatrische ziekenhuizen: hier

Lees hier meer over de voorstellen inzake de ziekenhuisfinanciering.

In Frankrijk legt het ministerie op dat ziekenhuispsychologen zich organiseren in autonome diensten met drie opdrachten:

  • patiëntgericht werk

  • onderzoek

  • administratie

Lees hierover meer: hier

Psycholoog bereikbaar voor intensieve zorgen 24/24 en 7/7:

Recent werden verschillende collega’s gesommeerd  om een wachtdienst voor intensieve zorgen te voorzien.  Dit gaf begrijpelijkerwijs aanleiding tot heel wat vragen en verontruste reacties van deze collega’s.

Reeds in juni en juli hadden wij het Agentschap gewezen op diverse problemen met betrekking tot deze eis.

In vrijwel alle ziekenhuizen zou deze wachtdienst immers een onbetaalde extra opdracht uitmaken, uit te voeren zonder extra personeel en dat ondanks arbeidscontracten, waarin een vast uurschema was voorzien.

Het betreft hier een eis opgelegd door het Agentschap Zorg en Gezondheid.  Voor de planning en de erkenning van de ziekenhuizen mag de Vlaamse Gemeenschap aanvullende normen formuleren, bijvoorbeeld in het kader van het Vlaams kwaliteitsbeleid. Die mogen niet in strijd zijn met de bestaande federale basisnormen en ze mogen evenmin een weerslag hebben op de financiering van de exploitatie.  

Alvast voor bepaalde ziekenhuizen is het duidelijk dat voldoen aan de kwaliteitseis niet zonder weerslag op de financiering van de exploitatie blijft.  Immers, het personeelslid dat door het aanstellend orgaan na advies van het directiecollege wordt aangewezen om zich buiten de normale diensturen thuis beschikbaar te houden voor interventies ontvangt, volgens diverse arbeidsreglementen, een permanentietoelage en/of een verstoringstoelage.  Het was dan ook een van onze vragen aan het Agentschap  of de eis wel kan worden opgelegd door een organisatie onder voogdij van een regionale overheid, aangezien dit een weerslag heeft op de uitbating van het ziekenhuis, wat een federale materie is.   

We herhaalden onze vraag om de eis aan te passen naar: “Er is, van zodra er terzake een passende financiering is voorzien, een psycholoog én een maatschappelijk werker bereikbaar voor noodgevallen 7d/7d. Een wachtlijst is binnen de functie  beschikbaar en consulteerbaar”.

Daarnaast hadden wij diverse vragen met betrekking tot de inhoudelijke opvulling en de praktische organisatie van deze eis en was het onze vraag om VVPAZ bij het opstellen van dergelijke eisen te betrekken.

Naar aanleiding van ons telefonisch onderhoud van 10 december en ons schrijven van 11 december ll ontvangen wij thans het onderstaande antwoord:

Geachte heer Decorte,

Op het communicatiemoment van Zorginspectie van 11 december werd meegedeeld dat de betreffende eis ‘bereikbaarheid van een psycholoog en/of maatschappelijk werker voor noodgevallen 7d/7d in IZ’ wel zal worden geïnspecteerd, maar wanneer het niet in orde is, zal de eis niet leiden tot het formuleren van een knelpunt in het individuele ziekenhuisrapport.

Zorginspectie zal wel in haar globaal rapport een beeld weergeven mbt de eis.

Daardoor wordt de eis dus wel behouden omdat, zoals u aangeeft dit aspect van zorg belangrijk is, maar de inspectie ervan moet gezien worden als een meting van het aanbod terzake doorheen de Vlaamse ziekenhuizen.

 Alvorens op uw vragen te kunnen antwoorden wachten we eerst het rapport af en zal binnen de nieuwe structuren die ten gevolge van de zesde staatshervorming zullen worden opgericht, in overleg met de sector, hierover moeten worden nagedacht.

We adviserende collega’s dan ook met hun directie te gaan samen zitten, hen kennis te geven van de aanpassing van de eis en aan te dringen op het uitstellen van de invulling van deze eis (die er dus geen meer is).

Wil ons op de hoogte houden van problemen, die zich alsnog zouden stellen.  Neem contact op met vvpaz@telenet.be

Rookstopbegeleiding:

Op de nieuwsgroep van VVPAZ kon u een discussie volgen ivm rookstopbegeleiding (o.a. mbt het afhaken tijdens de begeleiding, de financiering, de praktische organisatie, …).  Tabaksontwenning is sinds kort een Vlaamse bevoegdheid geworden, onder Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin = Jo Vandeurzen.    In de overgangsperiode van de zesde staatshervorming = tot 31 december 2015 is het KB van 31/8/2009 inzake de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen voor de hulp bij tabaksontwenning en de omzendbrief ‘hulp bij tabaksontwenning’ van 1/10/2009 nog van toepassing.

Tegen het “gratis”-principe van de tabaksontwenning werd reeds door diverse instanties gereageerd.   Gratis zou immers leiden tot een gebrek aan engagement, afhaken tijdens de begeleiding, …

Op onze vraag heeft de minister juridisch advies ingewonnen bij het RIZIV en stelt dat de reglementering voorziet in een forfaitaire tegemoetkoming voor de zittingen die hulp bieden bij tabaksontwenning (vast tarief voor een beperkt aantal zittingen), maar dat daarmee niets bepaald is omtrent het bedrag van het honorarium dat tabakologen hiervoor kunnen aanrekenen. 

Concreet betekent dit dat het honorarium vrij is, dat er aan de patiënten meer mag worden aangerekend dan het forfait.  Dat laat ook toe dat men een zeker remgeld vraagt. 

Meer praktische informatie voor tabakologen is te vinden op: www.vrgt.be

EEN INTERACTIEF KENNISPLATFORM OVER PSYCHOSOCIALE ASPECTEN VAN DE ONCOLOGIE

Het Cédric Hèle instituut', een Vlaams instituut dat de psychosociale zorg voor kankerpatiënten wil aanmoedigen en bevorderen, stelt u met veel enthousiasme haar gloednieuwe project voor, namelijk de 'Online Community' of kortweg 'CHiCom'.

Het nieuwe project, dat gerealiseerd wordt met steun van Minister Vandeurzen, kadert binnen onze algemene missie om de psychosociale oncologische zorg uit te breiden en de kwaliteit ervan te optimaliseren. Met CHiCom willen we tegemoet komen aan enerzijds de nood aan deskundigheidsbevordering van de (eerstelijns-)zorgverleners, die steeds een belangrijkere rol gaan spelen in de zorg voor kankerpatiënten, en anderzijds aan de nood aan optimalisatie van continuïteit in de zorg. Uitwisseling van kennis en ervaring over disciplines én werksettingen heen zien wij als een waardevol antwoord op deze noden.

Wat en voor wie?

Het Cédric Hèle instituut nodigt alle professionelen die betrokken zijn in de zorg voor kankerpatiënten (zowel in ziekenhuizen als in thuiszorgdiensten) uit om deel te nemen aan Online Community of kortweg CHiCom.

CHiCom is een online kennisplatform en ontmoetingsplek waar jullie heel wat informatie, kennis, inspiratie,.. terugvinden die kan bijdragen aan de kwaliteit van uw dagelijks werk. Daarnaast nodigen we alle professionelen uit hun kennis te delen en ervaringen uit te wisselen. De infotheek en het forum staan hiervoor ter beschikking. Op die manier kunnen we komen tot een interessante kruisbestuiving van expertise en good practices, over instellingen en disciplines heen.

Webstek

De website is opgedeeld in een aantal overzichtelijke pagina’s:

Mijn CHiCom: bundeling van nieuwe informatie op de website naargelang uw werksetting, discipline en interesses

Infotheek: informatie over wetenschappelijke bevindingen, projecten, websites, boeken,..

Evenementen: interessante opleidingen, studiedagen, workshops, symposia,…

Nieuws: actualiteitsberichten

Forum: ruimte voor het stellen van vragen en het uitwisselen van ervaringen

Netwerk: een contactenbestand voor wie op zoek is naar andere professionelen, met een bepaald profiel, uit een bepaalde werksetting

Vacatures: een lijst van recente vacatures in de oncologie

CHIcom

Hoe?

Ga naar www.chicom.be en u kan meteen de algemene informatie over CHi lezen. Indien u toegang wil tot de infotheek, het forum,.. dient u zich aan te melden. Klik rechtsboven op

‘registreer’ en maak gratis een eigen account aan.

Vragen?

Vragen of bemerkingen mag u steeds mailen naar info@cedric-heleinstituut.be.

Boeiende literatuur:

Geïntegreerde behandeling van patiënten in het algemeen ziekenhuis:  klik hier.

De visie van Itinera op het gezondheidsbeleid 2014 - 2019: klik hier.

Doorgedreven kwaliteitsbeleid in de gezondheidszorg: klik hier.

Verslag werkvergadering:

Betreft: Verslag van de werkvergadering op donderdag 13 maart 2014 in het UZ Brussel

Opgemaakt door M. Mallefroy

 Agendapunten :

1)     Algemeen nieuws KB 78, update

2)     Verder uitwerken algemene VVPAZ-vergadering

3)     Opmerkingen VVPAZ op FBP-BFP- "Monographie du service de psychologie en hôpital"

4)     Neuropsychologische onderzoeken op geriatrie + stand van zaken ivm de terugbetaling van het neuropsychologische onderzoek

5)     De bezetting van psychologen op PAAZ-afdelingen. 

6)     Vastleggen data volgende werkvergaderingen VVPAZ

7)     Nieuws en aankondigingen

 1)     Algemeen nieuws KB 78, update

Het wetsontwerp tot regeling van de geestelijke gezondheidszorgberoepen en tot wijziging van het KB nr. 78 dd. 10/11/'67 betreffende de uitoefening van de gezondheidsberoepen werd al door de Kamer goedgekeurd en ligt nu nog ter goedkeuring voor in de  Senaat.  Op dit ogenblik zijn er amendementen cq. opmerkingen in de Senaat geformuleerd door respectievelijk Dr. Mahoux (PS) en dhr. Ide (NVA) en mevr. Sleurs (NVA)

·         Art. 38 : verscheidene interpretaties zijn mogelijk inzake het al dan niet erkennen van het volwassenenonderwijs.  De wettekst zou alleen het voltijds onderwijs en de universiteiten en hogescholen vermelden. 

Dr. Mahoux pleit voor een inclusie van gediplomeerden van het volwassenenonderwijs, zodat in concreto ook therapieopleidingen aangeboden in het volwassenen-avondonderwijs zouden meetellen

·         Art. 34-50 : de aanbeveling om de behandeling van personen met geestelijke gezondheidsproblemen voor te behouden aan personen met het diploma van master in de klinische psychologie of van geneesheer specialist in de psychiatrie,  dient volgens bovengenoemde NVA-mandatarissen geschrapt te worden en vervangen en/of aangevuld te worden met de mogelijkheid voor personen, die in het verleden  - zonder de nodige opleiding genoten te hebben - toch gepoogd hebben om aan een nood bij patiënten tegemoet te komen -   een individueel leertraject  aan te bieden tot erkenning als klinisch psycholoog.  De onderzoekstermijn loopt tot 17 april ek.  

 Ondertussen, op een week tijd kan er erg veel gebeuren, is de geamendeerde wet op 19 maart 2014  reeds aangenomen in de Kamercommissie Volksgezondheid.

http://www.dekamer.be/FLWB/PDF/53/3243/53K3243006.pdf

 2)     Verder uitwerken algemene VVPAZ-vergadering

De wens is er nog steeds om in het najaar een Algemene VVPAZ-vergadering te houden voor alle leden, waarin zeker gewerkt wordt rond :

·         Prechirurgische screening  in uiteenlopende sectoren

·         Collega's van subgroepen PAZ-psychologen (onco-psychologen, neuro-psychologen, pijn-psychologen …) die bereid zijn hun manier van werken voor te stellen

·          Ontwerp bevraging kostenplaats psychologen

 Drie mogelijke sprekers zijn ingegaan op de vraag van Stefaan om vanuit het universitair onderzoek input te brengen omtrent persoonlijkheidsonderzoek en psychodiagnostiek  : psychiater dr. Rutger Goekoop (www.rgoekoop.dds.nl) over theoretische achtergrond TCI, Dr. Barbara De Clercq UGent over persoonlijkheidsonderzoek (dimensionele trekmodel DSM-5) en Marc. Schietecatte (UGent) over update psychodiagnostiek in het algemeen.  Stefaan volgt dit op.

 Naast deze mogelijke input wordt er ook gedacht aan Dr. Chantal Van Audenhove en/of Dr. Nady Van Broeck (KUL) die mogelijks een interessante inbreng kunnen hebben inzake de specificiteit en positie van ziekenhuispsychologen in pluridisciplinaire settings. 

 Ook VVPAZ leden worden uitgenodigd te spreken over het eigen wetenschappelijk referentiekader en hoe zij dit toepassen in ziekte-specifieke settings (prechirurgische screening in uiteenlopende sectoren, subgroepen PAZ-psychologen)

 Wat het voorstel van brief over bevraging van de kostenplaats van psychologen in ziekenhuizen  betreft wordt er met enige terughoudendheid bij de aanwezigen gereageerd omdat er het vermoeden is dat in diverse ziekenhuizen daar weinig of geen transparantie over bestaat of bereidheid aanwezig is om die prijs te geven.   De intentie is in elk geval dat de verkregen informatie geanonimiseerd zal worden en zal dienen om een overzicht te krijgen van de huidige situatie in het PAZ-landschap.  Op de webstek wordt een formulier geplaatst dat door de leden kan worden ingevuld. 

 3)     Opmerkingen VVPAZ op FBP-BFP- "monographie du service de psychologie en hôpital"

Globaal genomen wordt deze tekst als goed doordacht beschouwd maar tegelijk ook als ideale situatie die - op een paar praktijkvoorbeelden na - veraf staat van de huidige realiteit. 

Opmerkingen :

·         Het punt over de organisatie van de psychologische functie en de continuïteit van de zorgverlening vermeld op p. 15 en 33 wordt terecht genuanceerd geformuleerd.  In de praktijk blijkt dat - afhankelijk van de eigen organisatie van de "dienst" psychologie - vervangingen bij langdurige afwezigheid als obligaat, wenselijk of onhaalbaar worden geacht, waarbij rekening gehouden wordt met argumenten van expertise inzake ziektespecificiteit.  In de ideale situatie kan best een diensthoofd psychologie cq. psycholoog beslissen over de inzetbaarheid/ inwisselbaarheid van psychologische competenties.

·         De plaats van de "dienst psychologie" in het ZH-organigram is idealiter in een horizontale hiërarchie ter hoogte van andere directies (directie nursing, medische directie …) zodat bvb. over problemen van continuïteit van psychologische zorgverlening  bij voorkeur beslist wordt door een psycholoog en niet door een diensthoofd  verpleegkundige die naar analogie met (sociaal) verpleegkundigen beslist over multi-inzetbaarheid en - inwisselbaarheid. 

·         Inzake evaluatie en functioneringsgesprekken wordt gesteld dat de evaluatie  van psychologische competenties bij voorkeur gebeurt door een (diensthoofd) psycholoog en de evaluatie van de integratie en samenwerking in een somatische dienst best in overleg gebeurt met het somatisch diensthoofd, maar de eindevaluatie toch bij de (diensthoofd)psycholoog ligt. 

 4)     Neuropsychologische onderzoeken op geriatrie + stand van zaken ivm de terugbetaling van het neuropsychologische onderzoek

Blijkt uit reacties van aanwezige leden dat er in de praktijk nog veel wantoestanden bestaan inzake vergoeding van neuropsychologisch onderzoek met evaluatie van cognitieve functies bij patiënten met vermoeden van beginnende dementie. 

Stefaan benadrukt dat op 27 februari ll. een  antwoord op een schrijven vanuit de VVPAZ gericht aan Minister Onkelinckx,  gekomen is, waarin zij aangeeft dat "de Technisch Geneeskundige Raad de geneesheren-specialisten in de neurologie, psychiatrie en geriatrie er zullen aan herinnerd worden dat zij instaan voor de vergoeding van de psycholoog, die het neuropsychologisch onderzoek uitvoert."

 Terugbetaling van geneesmiddelen bij de ziekte van Alzheimer: de basisprincipes

In België worden geneesmiddelen bij de ziekte van Alzheimer terugbetaald, onder bepaalde voorwaarden. Wel zijn onlangs bepaalde criteria versoepeld. Tekst en uitleg.

Er bestaan drie grote categorieën geneesmiddelen voor de ziekte van Alzheimer: cholinesteraseremmers (Aricept, Exelon, Reminyl) en ginkgo biloba (Tavonin) bij beginnende tot matige vormen, en memantine (Ebixa) bij matige tot ernstige vormen.

Zoals we in een vorig artikel toelichtten, wordt de ernstgraad van de ziekte bepaald aan de hand van de Mini Mental State Examination (MMSE), een test in 30 punten die uitgevoerd wordt bij het eerste consult en nadien gebruikt wordt als follow-upinstrument.

Afhankelijk van de MMSE

De geneesmiddelen bij de ziekte van Alzheimer worden terugbetaald onder bepaalde voorwaarden en na goedkeuring van de adviserende ziekenfondsarts. Eén van de voorwaarden hangt af van de MMSE-score: om één van de drie cholinesteraseremmers (of één van de vormen van ginkgo biloba) terugbetaald te krijgen, moet de MMSE-score minstens 12 bedragen bij de eerste evaluatie en mag ze nadien niet lager liggen dan 10. Deze geneesmiddelen komen dan ook alleen in aanmerking bij de beginnende tot matige vormen van de ziekte.

Voor de matige tot ernstige vormen

Memantine is dan weer voorbehouden voor de matige tot ernstige vormen en wordt alleen terugbetaald bij een MMSE van 14 of minder.

Daarnaast worden ook een aantal andere tests uitgevoerd, zodat de adviserende arts een totaalbeeld krijgt van de cognitieve toestand van de patiënt:

een psychiatrische test, de Neuro-Psychiatric Inventory (NPI), om na te gaan of er sprake is van hallucinaties, stemmings- of gedragsstoornissen…

een test om het vermogen te evalueren om dagelijkse taken uit te voeren

een autonomietest

een test om de graad van algemene intellectuele achteruitgang te beoordelen.

Bovendien moet een hersenscan (of magnetische resonantie) bewijzen dat de intellectuele achteruitgang niet te wijten is aan een andere ziekte (tumor, cerebrovasculaire accidenten).

De patiënt moet altijd begeleid zijn

Om al die tests te kunnen uitvoeren en de patiënt volledig te kunnen evalueren, moet hij zich altijd laten begeleiden. Alleen de MMSE-test wordt onbegeleid uitgevoerd, de andere, bovenvermelde tests moeten gebeuren in bijzijn van een vriend of familielid.

Een regelmatige herevaluatie

Bij een eerste terugbetalingsaanvraag wordt de terugbetaling toegekend voor zes maanden. Daarna volgt een jaarlijkse evaluatie. Gelukkig hoeven al die ellenlange tests sinds april 2006 niet meer bij elke nieuwe terugbetalingsaanvraag te worden herhaald. De adviserende arts moet dan alleen nog de uitslag van de MMSE-test en de algemene evaluatie van de toestand van de patiënt krijgen.

 Ellen Gorus verdedigde het volgende standpunt in verband met neuropsychologisch onderzoek in het kader van Alzheimer-medicatie.

Wij hebben op de dienst geriatrie geopteerd voor een uitgebreide cognitieve screening, die steeds moet gekaderd worden binnen een multidisciplinaire diagnostiek.

Deze screening bestaat uit: anamnese,  MMSE, 10 woorden ADAScog, Camcog, Memory Impairment Screen, Visuele Associatietest, Frontal Assessment Battery, de Trail Making Test A en B en de Geriatrische Depressieschaal. Dit wordt uitgevoerd door de psycholoog en neemt ongeveer een uur in beslag. De keuze voor deze testen houdt rekening met het zoeken naar het evenwicht tussen het maximaliseren van het verkrijgen van informatie en de taakspanne van geriatrische patiënten.

 Standaard zijn er uiteraard ook alle klinische onderzoeken en testen, beeldvorming,  functioneel bilan (basale, instrumentele en geavanceerde activiteiten), een  inschatting van zorghiaten en een evaluatie van de draaglast en draagkracht van de mantelzorger(s).

 Als we dan alle informatie hebben samengelegd, bekijken we multidisciplinair of we tot een diagnose kunnen komen of dat we nog extra informatie nodig hebben.  Indien dat zo is kan er in tweede fase uitgebreider neuropsychologisch getest worden of worden er extra onderzoeken gepland zoals LP of Petscan. Een diagnose dementie wordt op de dienst geriatrie bijna uitsluitend in de ambulante setting van het  daghospitaal gesteld

Stefaan Decorte beantwoordde de vraag als volgt: 

Het verslag dat dient voor terugbetaling wordt opgemaakt door een arts (http://www.bcfi.be/nIndex/RIZIV/1370774B4.cfm).   

Soms krijgen we in die context een vraag voor een specifieke test (bvb ADAS-COG). 

Als die test zinvol voorkomt wordt die mee afgenomen, maar elk neuropsychologisch onderzoek wordt hier eigenlijk aangestuurd door de neuropsycholoog, rekeninghoudend met de vraag, maar uitgaand van het eigen klinisch onderzoek, de mogelijkheden en de beperkingen inzake testbaarheid.   We onderzoeken  zo nodig alle aspecten die kunnen bijdragen tot een diagnose en/of differentiaaldiagnose.

Dat betekent dat bij elke patiënt die testen worden afgenomen, die nuttig en nodig zijn om op relevante vragen te antwoorden.  

In sommige ziekenhuizen is men betrokken in studies van nieuwe middelen, waarbij protocollen worden gevolgd (en dan wordt een gestandaardiseerde reeks testen afgenomen). 

We zien enerzijds steeds oudere patiënten voor onderzoek, maar anderzijds ook steeds meer jonge patiënten.

-          De meest frequent afgenomen testen zijn: AD8 Dementia Screening Interview, MoCa, Scopa-Cog, Adas-Cog, DAS-6, Vlaamse Dementie Batterij, COTESS (COgnitieve TEStbatterij voor Senioren is een grondige herziening van de Vlaamse Dementie Batterij (VDB‐2), Verkorte Git, Raven, Gekleurde Raven, NLV, Schatting van de premorbide intelligentie met de methode van Crawford, D2, TMT, Stroop, ADM, Bourdon, Luria-batterij: gedragsneurologische screening voor frontale en premotore disfuncties, Go-no-go, antisacade, interlocking-finger-test,Boston, Verbale benoemtaak, COWAT, Klok-tekening, Hooper, Culver, Diverse neglecttesten (line-bis, O-zoek, Bells, DLCT, …), SCL-90, GDS-30 of Beck of HADS, Klinische geheugenschaal, AVLT, LVG, VDLT, Complexe Figuur, Kendrick, Digit-Span.  

Een belangrijk probleem is het achterop hinken van normen voor de thans onderzochte leeftijdgroepen.     

 5)     De bezetting van psychologen op PAAZ-afdelingen.

Het bepalende wettelijke kader hierover blijkt een KB van 1964 te zijn dat neerkomt op 1 psycholoog per 60 bedden.  Wat zijn mogelijke argumenten om meer dan 1 psycholoog per 60 bedden te voorzien ? 

Wat is volgens de wetgeving mogelijk?

De wetgeving KB 23-10-1964 geldt nog steeds (uiteraard in de loop van de jaren herhaalde malen gewijzigd)

http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&cn=2008031042&table_name=wet   (Art N18)

Er moet 1 licentiaat in de psychologie zijn per 60 bedden.

Maar er staat ook in het KB:

“Om al de modaliteiten van de ten lasteneming te verzekeren, zal het team, per 30 zieken, bovendien aangevuld worden met:

a) 4 personen voor de dag- en nachtdiensten;

b) 6 personen voor de dagdiensten;

c) 3 personen voor de nachtdiensten.

Deze personeelsleden zullen in het bezit zijn van een licentiaatsdiploma of van een diploma van hoger niet universitair onderwijs met een paramedisch, sociaal, pedagogisch of artistiek karakter, zoals psychologie, criminologie, lichamelijke opvoeding, kinesi- of ergotherapie of een diploma van opvoeder, onderwijzer of regent.”

Er zijn ziekenhuizen waar men voor deze functies geen psychologen kiest.   Er zijn er die dat wél doen. 

Als men bijvoorbeeld twee A-diensten heeft van 30 patiënten en een daghospitaal dan is er heel wat geld om ook psychologen te betalen als men dat wil.

(Vermelden we hier terloops dat er in de gewone bezetting van 11 personeelsleden per 30 bedden slechts 6 personen verpleegkundige moeten zijn en dat men in dat budget ook psychologisch assistenten kan aanwerven.)

Voor de andere somatische ziekenhuisafdelingen zijn er meestal 15 verpleegkundigen voorzien per 30 bedden. Bijgevolg zijn er ziekenhuizen waar men voor de PAAZ buiten de wet gaat en de 11 personeelsleden per dertig patiënten allemaal opvult met verpleegkundigen en dan nog eens de vier extra-personen voor de dag-nacht-diensten eveneens met verpleegkundigen opvult. Zo hebben ze ook 15 verpleegkundigen per 30 bedden zoals de andere somatische ziekenhuisafdelingen. Maar ze hebben wel, tegen de wet in, het geld opgesoupeerd dat bedoeld is voor andere disciplines.

Daarbij komt ook nog dat er sedert 2009 ook normen zijn voor intensieve psychiatrische diensten :  art N21

Per 8 bedden: 2,5 VTE personen met licentiaats- of masterdiploma die directe therapeutische zorg verstrekken, waarvan ten minste 1 VTE psycholoog;

 Verder zijn er ook nog soms bijzondere projecten zoals pilootproject betreffende «Crisiseenheden, met inbegrip van case management, voor personen met psychoactieve middelen gerelateerde stoornissen»

http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.pl?language=nl&caller=summary&pub_date=2013-06-24&numac=2013024204

 Er zijn in België ook nog twee ziekenhuizen die elk jaar geld krijgen voor een project inzake dubbele diagnose.

             Wat zijn de argumenten om meer psychologen aan te nemen?

·         Vnl. zorginhoudelijke argumenten :

o    het is deontologisch  niet houdbaar om als énige psycholoog bvb. én psychodiagnostiek én individuele psychotherapie én gezinstherapie voor één welbepaalde patiënt te voorzien omdat aldus een loyauteitsconflict kan ontstaan.

o    binnen korte opnameduur van gemiddeld 12 dagen is hoogst haalbare doel  bij bezetting van 1 psycholoog slechts psychodiagnostiek en crisisopvang.  In dat geval wordt best gericht verwezen voor individuele psychotherapie extramuros.

o    de dienst functioneert zonder psycholoog als de psycholoog met verlof is.

o    Alleen de psycholoog is gespecialiseerd in psychologisch onderzoek en is de aangewezen persoon om complexe problematieken te onderzoeken en om het therapeutisch beleid te sturen.

De verpleegkundigen hebben bezwaar aangetekend tegen het niet vermelden van de term psychiatrisch verpleegkundigen in de KB’s die de bezetting van

De Nationale Raad voor Ziekenhuisvoorzieningen publiceerde een advies betreffende de titels en bekwaamheden in de geestelijke gezondheidszorg als antwoord op een vraag van Minister Onkelinx.

Wil je meer weten:

·         file:///C:/Users/Gebruiker/Downloads/2014%2002%2013%20-%20NRZV%20D%20PSY%20441-2%20-%20titels%20en%20bekwaamheden%20in%20de%20GGZ.pdf

·         file:///C:/Users/Gebruiker/Downloads/23%2007%202013%20-%20personeelsnorm%20verpleegkundigen%20werkzaam%20in%20een%20psychiatrische%20ziekenhuisdienst.pdf

 

 6)     Vastleggen data volgende werkvergaderingen VVPAZ

Er wordt door de aanwezige leden de wens uitgedrukt de vergaderingen bij voorkeur op een voor iedereen makkelijk te bereiken en dus centrale plek in Vlaanderen te laten plaatsvinden.  Collega Ignace Michiels zal in zijn ziekenhuis (OLV-Aalst) de mogelijkheid nagaan om een grote zaal (150-tal leden) te reserveren voor de Algemene VVPAZ-Vergadering in het najaar (eind november '14) en Stefaan van zijn kant zal nagaan of de eventuele sprekers (Ugent-KUL) bereid zijn zich daarvoor te engageren en zoja op welk moment. 

 De volgende werkvergaderingen worden gepland op:

·         donderdag 15 mei '14,  13u30 - 17u in ASZ-Aalst en op

·         donderdag 18 september '14,  13u30 - 17u in St. Blasius Dendermonde. 

 7)     Nieuws en aankondigingen

 Stefaan licht eerst kort de huidige stand van zaken van de vereniging toe : momenteel telt de vereniging 335 leden, waarvan de overgrote meerderheid  vrouwen zijn.  Er is regionaal gezien een grote spreiding in Vlaanderen.  Met uitzondering van Leuven zijn alle universitaire ziekenhuizen stilaan behoorlijk vertegenwoordigd.  Op dit ogenblik is er een werkingssaldo van ongeveer 1000 euro bij de bank Argenta, waaraan drie mandatarissen gelinked zijn.

Wil hieronder het wetsontwerp vinden met betrekking tot de “tuchtraad voor psychologen”, waarvan sprake was in de ochtendstaf van 9/4:

Nieuwe deontologische code, tuchtraad en raad van beroep vanaf 1 mei 2014 

Op voorstel van Sabine Laruelle, federaal minister van KMO’s en Zelfstandigen, heeft de ministerraad op 19 april 2013 een wets­ont­werp goedgekeurd waardoor psychologen een deontologische code zullen moeten volgen. Het voorstel voorziet ook in de oprichting van een Tuchtraad en een Raad van Beroep die deontologische sancties kunnen opleggen.
 
Het voorstel, zoals het in oktober aan de twee kamers werd voorgelegd: http://www.dekamer.be/FLWB/PDF/53/3066/53K3066001.pdf
 
Verslag van de bespreking in de Kamercommissie: http://www.dekamer.be/flwb/pdf/53/3066/53K3066002.pdf
 
 
Hieronder vindt u de publicatie van de wetgeving in het Staatsblad.
 
FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE
21 DECEMBER 2013. - Wet tot wijziging van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog (I)


FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Art. 2. In de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog wordt er een Hoofdstuk II/1 ingevoegd, luidende :
"HOOFDSTUK II/1. Tuchtraad en Raad van beroep".
Art. 3. In hoofdstuk II/1, ingevoegd bij artikel 2, wordt een artikel 8/1 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/1. De personen ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 2, § 1, zijn onderworpen aan deontologische regels die vastgelegd worden door de Koning bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, na het advies van de Commissie te hebben ingewonnen.
De Koning kan echter bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, op elk moment en zonder advies in te winnen van de Commissie, de regels van de plichtenleer wijzigen met als doel de omzetting in het in-terne recht te verzekeren van de richtlijnen met betrekking tot de wederzijdse erkenning van diploma's en be-roepsopleidingen, waaronder Richtlijn 2005/36/EG van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties, en de richtlijnen ter bevordering van het vrij verkeer van goederen en diensten, waaronder Richtlijn 2006/123/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 betreffende diensten op de interne markt.".
Art. 4. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/10 ingevoegd, luidende :
"De artikelen 828, 830, 831 en 833 van het Gerechtelijk Wetboek die betrekking hebben op de wraking, zijn naar analogie van toepassing op de leden van de Tuchtraad en de Raad van beroep.".
Art. 5. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/11 ingevoegd, luidende :
"De uitspraken van de Tuchtraad en de Raad van beroep worden in openbare zitting gedaan.
De hoorzittingen van de Tuchtraad en van de Raad van beroep zijn openbaar, behalve in de gevallen bedoeld in artikel 148 van de Grondwet of indien de bescherming van het privéleven of het beroepsgeheim zich verzet tegen de openbaarheid of indien de opgeroepen persoon hiervan geheel vrijwillig en ondubbelzinnig afstand doet.
De beraadslagingen zijn geheim.".
Art. 6. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/13 ingevoegd, luidende :
"De voorziening in cassatie bedoeld in artikel 8/12 schorst de aangevochten uitspraak.
In geval van cassatie wordt de zaak verwezen naar de anders samengestelde Raad van beroep. Deze Raad schikt zich naar de beslissing van het Hof van Cassatie op de door dit Hof beoordeelde rechtspunten.
De rechtspleging tot voorziening in cassatie wordt geregeld zoals in burgerlijke zaken.".
Art. 7. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/14 ingevoegd, luidende :
"Indien de hoofdvestiging van de vervolgde persoon gelegen is in het Duitse taalgebied, heeft deze de keuze tussen de Nederlandstalige Kamer of de Franstalige Kamer.
De werkingsregels van de raden voorzien in een vertegenwoordiging van het Duitse taalgebied.
De persoon die niet over een voldoende kennis beschikt van de taal van de procedure van de kamer van de Tuchtraad of de Raad van beroep waarvoor hij moet verschijnen, kan zich tijdens de zitting laten bijstaan door een tolk naar zijn keuze.".
Art. 8. Deze wet treedt in werking op de eerste dag van de derde maand na die waarin ze is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 21 december 2013.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
Mevr. S. LARUELLE
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
Mevr. A. TURTELBOOM
_______
Nota
(1) Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be)
Stukken : 53-173 - 3066
Integraal verslag : 12 december 2013
Senaat (www.senate.be)
Stukken : 5-134 - 5-2402
Handelingen van de Senaat : 19 december 2013.
 
OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE
21 DECEMBER 2013. - Wet tot wijziging van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog (II)


FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.
Art. 2. In hoofdstuk II/1 van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog, ingevoegd bij de wet van 21 december 2013 tot wijziging van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog (I), wordt een artikel 8/2 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/2. Er wordt een Tuchtraad ingesteld, die tot taak heeft te waken over de naleving van de deontolo-gische regels en tuchtrechtelijke beslissingen te nemen ten aanzien van de personen ingeschreven op de lijst bedoeld in artikel 2, § 1. Deze worden bij aangetekend schrijven ter kennis gebracht aan de betrokkene.
De Tuchtraad is samengesteld uit een Nederlandstalige en een Franstalige kamer.".
Art. 3. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/3 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/3. De bevoegdheid van de kamers van de Tuchtraad wordt bepaald door de plaats waar de vervolgde persoon zijn hoofdvestiging heeft.
Indien deze plaats gelegen is in het tweetalig gebied Brussel-Hoofdstad zal deze bevoegdheid afhangen van de taal die door de vervolgde persoon gekozen wordt.".
Art. 4. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/4 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/4. Er wordt een Raad van beroep ingesteld, die uitspraak doet over het hoger beroep ingesteld door de persoon gesanctioneerd in toepassing van artikel 8/2.
De termijn om beroep in te stellen is één maand te rekenen vanaf ontvangst van de kennisgeving van de beslissing van de Tuchtraad bedoeld in artikel 8/2.
De Raad van beroep is samengesteld uit een Nederlandstalige en een Franstalige Kamer.".
Art. 5. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/5 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/5. De kamers van de Raad van beroep spreken zich uit over de beroepen ingeleid tegen de beslissingen genomen door de kamer van de Tuchtraad van hun taal.".
Art. 6. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/6 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/6. De Tuchtraad en de Raad van beroep kunnen de volgende tuchtsancties opleggen :
- de waarschuwing;
- de schorsing;
- de schrapping.
De schorsing brengt het verbod met zich mee om de titel van psycholoog in België te voeren voor een duur van maximum 24 maanden die bepaald wordt door de Tuchtraad.
De schrapping brengt het verbod met zich mee om de titel van psycholoog te voeren.
Een aanvraag tot eerherstel kan ingeleid worden bij de Tuchtraad ten vroegste vijf jaar na de uitspraak tot schrapping. Zij kan slechts toegekend worden indien buitengewone omstandigheden dit rechtvaardigen.".
Art. 7. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/7 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/7. De Koning bepaalt :
1° het aantal effectieve en plaatsvervangende leden van de in de artikelen 8/2 en 8/4 bedoelde Raden;
2° de voorwaarden tot hun verkiesbaarheid;
3° de regels van hun verkiezing;
4° hun vergoedingen;
5° de werkingsregels van deze Raden.
De werkingskosten van de raden bedoeld in artikelen 8/2 en 8/4 worden gedragen volgens de regelen door de Koning bepaald.".
Art. 8. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/8 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/8. De in de artikelen 8/2 en 8/4 bedoelde kamers worden voorgezeten door een werkend of eremagistraat of door een advocaat die sedert ten minste vijf jaar is ingeschreven op het tableau van de Orde van Vlaamse Balies of de Orde van de Frans- en Duitstalige Balies. In geval van staking van stemmen is hun stem doorslaggevend.
Een effectief en een plaatsvervangend voorzitter worden door de Koning voor zes jaar benoemd. De Koning bepaalt hun vergoedingen.".
Art. 9. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/9 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/9. De functies van lid van de Tuchtraad bedoeld in artikel 8/2, van lid van de Raad van beroep bedoeld in artikel 8/4 en van lid van de Psychologencommissie bedoeld in hoofdstuk II, zijn onderling onverenigbaar.".
Art. 10. In hetzelfde hoofdstuk II/1 wordt een artikel 8/12 ingevoegd, luidende :
"Art. 8/12. Tegen de uitspraken van de Raad van beroep kan een voorziening in cassatie worden ingesteld door de belanghebbende wegens schending van de wet of wegens schending van substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen.
De procureur-generaal bij het Hof van Cassatie kan een voorziening in het belang van de wet indienen bij dit Hof.".
Art. 11. Artikel 614 van het Gerechtelijk Wetboek wordt aangevuld met de bepaling onder 11°, luidende :
"11° tegen beslissingen van de Raad van beroep bedoeld in artikel 8/4 van de wet van 8 november 1993 tot bescherming van de titel van psycholoog.".
Art. 12. Deze wet treedt in werking op de eerste dag van de derde maand na die waarin ze is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 21 december 2013.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
Mevr. S. LARUELLE
De Minister van Justitie,
Mevr. A. TURTELBOOM
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
Mevr. A. TURTELBOOM
_______
Nota
(1) Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be)
Stukken : 53-173 - 3067
Integraal verslag : 12 december 2013
Senaat (www.senate.be)
Stukken : 5-134 - 5-2403
Handelingen van de Senaat : 19 december 2013.

De wet treedt in werking op 1 mei 2014, de uitvoeringsbesluiten zijn nu pas vertrokken naar de Raad van State

 

Op vrijdag 4 april 2014 vindt het zesde jaarcongres voor klinisch psychologen en klinisch neuropsychologen van de Stichting i.o. Klinisch Psycholoog en Klinisch Neuropsycholoog plaats in de Jaarbeurs te Utrecht. Het thema van het congres is:

"Psycho- en neurotrauma's"

Tijdens het congres krijgt u vanuit diverse invalshoeken een actueel beeld geschetst van klinisch psychologische en klinische neuropsychologische terreinen, alle gelinkt aan het thema trauma. Met onder andere:

·         Bruce Perry, M.D. PhD over “the Neurosequential Model of Therapeutics”

·         Prof. dr. Marcel van den Hout over de behandeling van PTSD met EMDR en andere interventies

·         Dr. Joke Spikman over Traumatisch hersenletsel: over ernst van het letsel en adaptief vermogen.

Kortom, laat u prikkelen, uitdagen en inspireren. Informatie over het thema van het congres treft u op onze website aan of in de congresfolder.

 

psycho-oncologie

Meer informatie?  Klik hier

PSYNCK (http://www.ugent.be/psync/en)

PSYNC refers to 'psychology' and 'synchronize'. This research consortium is housed within the faculty of psychology and educational sciences at Ghent University.

Several faculty members within the field of clinical psychology joined forces. This is where academic and socially relevant aims synchronize. We are an information hub for researchers as well as for stakeholders within and outside our university.

We create added value in merging science and (clinical) practice. Our mission is to develop a common strategy to translate clinically relevant research to the clinical field and to the broader society. An evidence based approach is fundamental

20-05-2014 13:00 Symposium about psychology in practice

 

Heb je zelf iets aan te kondigen dat voor onze leden belangrijk kan zijn, laat het ons dan weten.

VVPAZ

 .ΨForum

Iedereen heeft het recht zich af te melden van de nieuwsgroep op één of beide adressen.  Doe dit echter via het adres van de secretaris en niet via de nieuwsgroep. 

Tussen 20 mei en 1 juni kan de secretaris de afmeldingen niet behandelen.  Heb dus wat geduld.

Waarom zo'n nieuwsgroep, waar iedereen kan van ‘genieten’ en kan toe ‘bijdragen’, ook zinvol en bruikbaar, nuttig en nodig kan zijn?

Wist je dat:

  • er psychologen van onze vereniging verantwoordelijk zijn voor wel 10 verschillende diensten?
  • we in onze vereniging superspecialisten hebben, waarvan sommigen 30 jaar in het vak staan?
  • dat 70 % van onze leden geen 10 jaar ervaring heeft?
  • niet iedere psycholoog in ziekenhuis kan beroep doen op de kennis en ervaring van collega's?
  • niet iedere psycholoog werkzaam in een ziekenhuis toegang heeft tot een ziekenhuis- of universitaire bibliotheek?
  • er ziekenhuizen zijn waar er geen budget is voor bijscholing?
  • onze voornaamste kracht ligt in het werken vanuit onze wetenschap?
  • je op elk moment een inkomend bericht kunt deleten als het jou niet interessant lijkt?
  •  men van psychologen zegt dat ze wel goed werken, dat ze erg op hun autonomie gesteld zijn, maar dat niemand weet wat ze precies doen en dat ze op hun "eigen andere plek zijn"?   Men denkt dat psychologen liefst worden gerust gelaten en alleen maar hun eigen ding doen?  Samenwerken met collega's binnen en buiten het ziekenhuis maakt onze positie sterker. 
  • je antwoorden ook steeds backchannal kunt sturen op het eigen adres van de vraagsteller als je denkt dat je de groep zou belasten?

Organisatie van psychologen in algemene ziekenhuizen:

VVPAZ een stand van zaken (Stefaan Decorte) 

vvpaz, een stand van zaken

De psychologie (in ziekenhuizen) heeft dringend nood aan een goed wettelijk kader (Koen Lowet) 

Koen Lowet

 

AZ Sint-Jan AV, een gecentraliseerde, autonome dienst klinische psychologie in een algemeen ziekenhuis (Ann Verhaert) 

een eigen secretariaat een gecentraliseerde dienst klinische psychologie

 

De organisatie van een psychologische dienst in een universitair ziekenhuis (Chris Schotte) 

UZ Brussel

 

De organisatie van een psychologische dienst, waar 4 campussen één ziekenhuis worden (Steve Van Herreweghe)

AZ Groeninge Kortrijk 

 

 

 Science Plus hoofdsponsor VVPAZ

Vanaf 19 april 2013 is Science Plus hoofdsponsor van VVPAZ:

 

VVPAZ wordt vanaf 19 april 2013 gesponsord door: Mind Machine

VVPAZ

Ons ledenbestand; enkele cijfers:

Op 11 november 2015 heeft VVPAZ 429 leden.

Alleen de gegevens, waarvan de leden de toestemming gaven om ze kenbaar te maken werden hier verwerkt

mannen/vrouwen

mannenvrouwen

afstudeerjaar:

afstudeerjaar

naar provincie van tewerkstelling:

waarwerken

waar afgestudeerd:

afgestudeerd

bijkomende PAO's:

PAO's

Evolutie in het ledenaantal:

ledenaantal

 

Gearchiveerde aankondigingen:

Symposium: Zaterdag 24/11/12

Het verslag van dit symposium, zoals het werd gezien door het FOD zelf, kunt u hier terugvinden.

De FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu  heeft het genoegen u uit te nodigen voor het colloquium: « Psychotherapeut en huisarts: partners in gezondheid? »

 BRUSSEL - Hotel Bedford - Zuidstraat 135-137

 Verplichte inschrijving op de website www.gezondheid.belgie.be vanaf 25/10/12

 Info via Symposiumpsymed2012@gezondheid.belgie.be

Kaap van 200

VVPAZ heeft op vrijdag 5 oktober 2012 het 200ste lid van de vereniging kunnen inschrijven. Ondertussen staat de teller op 237.  Ken je potentiële leden, die nog niet in onze ledenlijst staan, laat het ons of hen dan weten. 

Workshop Cognitieve Gedragstherapie bij volwassenen met ADHD

Op vrijdag 12 oktober 2012 geven Steven Stes en Gil Borms een workshop over CGT bij volwassenen met ADHD in het UPC KULeuven, campus Korten berg.

ABSTRACT

In deze workshop wordt kort een theoretische inleiding gegeven over de rol en de werkzaamheid van psychotherapie in de behandeling van volwassenen met ADHD. Deze inleiding houden we eerder beperkt, om vervolgens dieper in te gaan op een aantal gedragstherapeutische behandelstrategieën die in de begeleiding van volwassenen met ADHD vaak gebruikt worden. Deze strategieën worden geïllustreerd aan de hand van verschillende casussen, met en zonder comorbiditeit, om zo de deelnemers een beeld te geven van vaak voorkomende klinische presentaties. Dit gebeurt uiteraard op interactieve wijze, met mogelijkheden om vragen en bedenkingen te formuleren. In de workshop zal ook ruimte gecreëerd worden om eigen casussen uit te werken en in te brengen.

Doelstelling is dat de deelnemer een grondige introductie krijgt op de psychotherapeutische behandeling van volwassenen met ADHD, en een aantal handvaten krijgt aangeboden voor de dagelijkse praktijk.

OVER DE SPREKERS

  • Steven Stes is psychiater-psychotherapeut in de Polikliniek ADHD bij volwassenen van het UPC KU Leuven, campus Kortenberg, en tevens verbonden aan de cluster Gedrags- en Ontwikkelingsstoornissen van Code Lessius te Antwerpen.
  • Gil Borms is psychologe-psychotherapeute in de Polikliniek ADHD bij volwassenen van het UPC KU Leuven, campus Kortenberg, en tevens werkzaam bij centrum Zitstil te Antwerpen.

INSCHRIJVEN KAN TOT 2 WERKDAGEN VOOR AANVANG

VVPAZ